Organisaties > Overheden en semi-overheden:Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) heeft tot taak het verzamelen, bewerken en publiceren van statistieken ten behoeve van praktijk, beleid en wetenschap. De informatie die het CBS publiceert omvat vele maatschappelijke aspecten, van macro-economische indicatoren als economische groei en consumentenprijzen tot de inkomenssituatie van personen en huishoudens. Postadres: Website: Centraal Bureau voor de Statistiek |
|||
Gerelateerde informatie in het Monitoringportaal: |
|||
Organisaties |
|||
| Maatschappelijke organisaties (2) | |||
|
|||
|
De Bryologische en Lichenologische Werkgroep (BLWG) is de vereniging voor mossen- en korstmossenonderzoek in Nederland. De BLWG organiseert activiteiten voor leden en publiek waarbij het zoeken en op naam brengen van soorten centraal staat. Daarnaast verzamelt de BLWG verspreidingsgegevens, doet onderzoek, geeft adviezen en voert verschillende meetnetten uit. BLWG is lid van de Stichting VeldOnderzoek Flora en Fauna (VOFF). Contactpersoon: Website: BLWG Email:sparrius@blwg.nl |
|||
|
|||
|
De Vlinderstichting is een natuurbeschermingsorganisatie die zich sterk maakt voor het behoud en herstel van vlinders en libellen in Nederland en Europa. Door gericht onderzoek, monitoring en het geven van adviezen zet de Vlinderstichting zich in voor vlinders en libellen. De Vlinderstichting werkt vaak samen met of in opdracht van anderen, bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten, CBS, RIVM, provinciale landschappen, ministerie van EL&I, provincies en gemeenten. De Vlinderstichting is lid van de Stichting VeldOnderzoek Flora en Fauna (VOFF) en levert bijdragen aan het Landelijk Meetnet Vlinders en het Landelijk Meetnet Libellen. Website: Vlinderstichting Email:info@vlinderstichting.nl |
|||
Overleggroepen |
|||
| Overleggroepen (10) | |||
|
|||
|
De ontwikkelgroep heeft ten doel te komen tot een harmonisatie van het ammoniak protocol.
Participerende organisaties: Alterra, ASG, LEI, CBS, PBL Email:gerard.veldhof@wur.nl |
|||
|
|||
|
|
|||
|
|||
|
De Klankbordgroep richt zich op het vormgeven van de Nederlandse inbreng in de Expert Group INSPIRE alsmede de implementatie van INSPIRE in Nederland.
Participerende organisaties: Alterra, CBS, Kadaster, KNMI, I&M, PBL, TNO, VNG, GeoNovum, GBN, Dienst der Hydrografie, DLG, IOG-GEO, LSV-GBKN, RIVM, RWS, UvW Email:r.beltman@geonovum.nl |
|||
|
|||
|
Deze werkgroep richt zicht op verzameling en uniformering van cijfers over mest en mineralen en verwerking van deze cijfers.
Participerende organisaties: PBL, CBS, LEI, ASG, EL&I Voorzitter: Mark de Boode Email:info@minlnv.nl |
|||
|
|||
|
De Enquête Bestrijdingsmiddelen Landbouw heeft tot doel het verkrijgen van landelijke gegevens over chemische, biologische en mechanische bestrijding in de belangrijkste gewassen in de land- en tuinbouw. Het Overleg Enquête Bestrijdingsmiddelen bespreekt de inhoud van de enquêtes voorafgaande aan een nieuwe enquête-ronde.
Participerende organisaties: CBS, RIVM, PBL e.a. Contactpersoon: Rob Vijftigschild (CBS) Email:rvfd@cbs.nl |
|||
|
|||
|
De ER Taakgroep Enina richt zich op het inventariseren en in kaart brengen van de emissies van Energie, Industrie, Raffinaderijen en Afvalverwerking. Deze gegevens worden opgenomen in de Emissieregistratie en omvatten gegevens van de uitstoot van verontreinigende stoffen naar lucht, water en bodem.
Participerende organisaties: PBL, TNO, CBS, de Waterdienst, Uitvoering afvalbeheer, Agentschap NL, Faciliterende organisatie (FO) Industrie Website: Emissieregistratie Email:Wim.vanderMaas@pbl.nl |
|||
|
|||
|
De Emissieregistratie (ER) wordt uitgevoerd in opdracht van het ministerie van I&M. De taakgroep Methodiekontwikkeling Wateremissies (MEWAT) stelt de emissies van de diverse doelgroepen naar water vast.
Participerende organisaties: RWS, de Waterdienst, CBS, PBL, TNO
Website: Emissieregistratie Email:emissieregistratie@pbl.nl |
|||
|
|||
|
De Emissieregistratie (ER) wordt uitgevoerd in opdracht van het ministerie van I&M. In de Taakgroep Verkeer en Vervoer worden de emissies naar bodem, water en naar lucht vastgesteld uit verkeer en vervoer (luchtvaart, scheepvaart en wegverkeer). Participerende organisaties: TNO, PBL, AVV, CBS en de Waterdienst Website: Emissieregistratie Email:Gerben.Geilenkirchen@pbl.nl |
|||
|
|||
|
De Emissieregistratie (ER) wordt uitgevoerd in opdracht van het ministerie van I&M. In de taakgroep overige bronnen (WESP) worden de emissies door productgebruik (consumenten) vastgesteld, evenals de emissies uit de doelgroep handel, diensten en overheid (HDO). Website: Emissieregistratie Email:emissieregistratie@pbl.nl |
|||
|
|||
|
De EmissieRegistratie (ER) wordt uitgevoerd in opdracht van de ministeries van I&M en EL&I. In de Werkgroep Landbouw en Landgebruik worden de emissies naar bodem, water en naar lucht vastgesteld. Daarnaast vindt afstemming plaats over de gehanteerde methodieken en het gebruik en de beschikbaarheid van de basisgegevens.
Participerende organisaties: PBL, LEI, Alterra, CBS, Directie Kennis, TNO en de Waterdienst Website: Emissieregistratie Email:emissieregistratie@pbl.nl |
|||
Produkten |
|||
| Publicaties (14) | |||
|
|||
|
Samenvatting: Rapportnummer: Jaar van uitgave: Website: Landelijke natuurmeetnetten van het NEM in 2008 PDF Email:l.vanduuren@cbs.nl |
|||
|
|||
|
Een beschrijving van de business modellen van zeven grote gegevensproducerende en gegevensbeherende organisaties. Opgesteld in opdracht van het Planbureau voor de Leefomgeving. Auteur: Jaar van uitgave: Website: Businessmodellen grote gegevenspijlers (PDF) |
|||
|
|||
|
Samenvatting: Auteur: Rapportnummer: Website: Dierlijke mest en mineralen 2009 (PDF) |
|||
|
|||
|
Samenvatting: Auteurs: Rapportnummer: Jaar van uitgave: Website: Handleiding landelijke meetnetten vlinders en libellen (PDF) Email:meetnet@vlinderstichting.nl |
|||
|
|||
|
Samenvatting: Auteurs: Jaar van uitgave: Website: Handleiding voor het monitoren van amfibieën in Nederland (PDF) |
|||
|
|||
|
Samenvatting: Rapportnummer: Website: Landelijk verspreidingsonderzoek 2008 (PDF) Email:l.vanduuren@cbs.nl |
|||
|
|||
|
Samenvatting: Jaar van uitgave: Auteur: Rapportnummer: Website: Meetprogramma's voor flora en fauna in 2010. Kwaliteitsrapportage NEM (PDF) |
|||
|
|||
|
Samenvatting: Deze en vele andere vragen worden beantwoord in de publicatie ‘Environmental Accounts of the Netherlands 2009’. De milieurekeningen brengen economische informatie en milieu informatie samen in een consistent systeem waardoor het mogelijk wordt de bijdrage van het milieu aan de economie en de impact van de economie op het milieu in beeld te brengen. Deze jaarlijkse publicatie, voor het eerst in het Engels, richt zich op een breed publiek van statistici, beleidsmakers en onderzoekers geïnteresseerd in duurzame ontwikkeling, welvaartsmeting, materiaalstromen, de productiviteit van natuurlijke hulpbronnen en klimaatverandering. Auteur: Website: Milieurekeningen 2009 (webpage met PDF) |
|||
|
|||
|
Samenvatting: De catalogus geeft een overzicht van de Meetnetten in het NEM en van de Informatieproducten die daarmee worden gemaakt. Ook nieuwe wensen zijn mogelijk. Potentiële nieuwe gebruikers worden hierbij van harte uitgenodigd om te kijken of de informatie uit het NEM bruikbaar is of kan worden. De Gegevensautoriteit Natuur staat daarmee ook open voor vernieuwen of uitbreiden van meetnetten. Website: Productencatalogus Netwerk Ecologische Monitoring (PDF) Email:l.vanduuren@cbs.nl |
|||
|
|||
|
Provincie Op Maat 2007 is de tweede editie in de provinciale serie waarbij voor elke provincie een afzonderlijke publicatie is gemaakt. Het is een hulpmiddel om snel kerncijfers van de provincie en alle gemeenten binnen die provincie te vergelijken en het is dan ook waardevol voor iedereen die met de provincie te maken heeft. Website: Provincie Op Maat (website CBS) Email:info@cbs.nl |
|||
|
|||
|
Samenvatting: In 2009 bedroegen de mineralenoverschotten in de landbouw 375 mln kg stikstof, 14 mln kg fosfor en 40 mln kg kalium. Dit is een sterke daling ten opzichte van het topjaar 1986: van stikstof met 54 procent, van fosfor met 86 procent en van kalium met 80 procent. Het CBS heeft voor diverse jaren de stikstof-, fosfor- en kaliumoverschotten in de landbouw vastgesteld en gepubliceerd. De methodiek is beschreven in de publicatie 'Mineralen in de landbouw, 1970-1990' (CBS, 1992). Auteur: Jaar van uitgave: Website: Mineralen in de landbouw 1970-2010 |
|||
|
|||
|
Het CBS presenteert in de 'Monitor Mineralen en Mestwetgeving 2004' tijdreeksen over de uitvoering en resultaten van het mineralen- en ammoniakbeleid. De monitor is gemaakt in opdracht van het ministerie van LNV ten behoeve van de jaarlijkse informatie over de voortang van het mest- en ammoniakbeleid. Een groot deel van de cijfers over MINAS, mesttransporten, dierrechten en mestafzetovereenkomsten is beschikbaar gesteld door Bureau Heffingen van het ministerie van LNV. Auteur: Jaar van uitgave: Website: Monitor Mineralen en Mestwetgeving 2004 (PDF) |
|||
|
|||
|
Samenvatting: In dit rapport wordt een alternatieve methode voorgesteld waarmee, met de huidige beschikbare gegevens, de emissies van alle metalen berekend kunnen worden. Tevens worden enkele aanbevelingen gedaan om de kwaliteit van de beschikbare gegevens verder te verbeteren. Verder worden in dit rapport aanbevelingen gedaan voor het vergaren van de noodzakelijke basisgegevens voor het gebruik van een meer geavanceerde methode. Daartoe moeten voor het berekenen van de aanvoer met dierlijke mest metaalgehalten in krachtvoer gemeten worden. Voor het berekenen van de aanvoer met de jacht moeten gegevens over de gebruikte hagelsoorten verzameld worden. Auteurs: Jaar van uitgave: Website: Emissie van zeven zware metalen naar landbouwgrond (PDF) |
|||
|
|||
|
Samenvatting: In het eerste gedeelte van de publicatie wordt een verantwoording gegeven van de berekening van elke post op de balans voor elk der drie mineralen. De berekeningsmethoden voor fosfor, stikstof en kalium verlopen goeddeels langs dezelfde lijnen. Zonodig zijn voor een bepaald mineraal specifieke problemen apart behandeld. Door de toepassing van balansberekeningen is de nauwkeurigheid van diverse posten geanalyseerd. Van de deelbalans veehouderij en de deelbalans voedingsmiddelenindustrie worden alle posten min of meer onafhankelijk berekend. De balansen moeten in theorie sluitend zijn. In de praktijk is het resulterende balansverschil een maat voor de nauwkeurigheid van de posten op de balans. Uit de analyses blijkt dat de balans van de veehouderij vrijwel sluitend is. De relatieve balansverschillen, berekend op basis van de hoeveelheid aangevoerde mineralen, variëren van 1% tot 5%. Tussen de mineralen onderling worden geen significante verschillen geconstateerd. De relatieve verschillen op de balans van de voedingsmiddelenindustrie zijn aanzienlijk groter. De verschillen tussen inkomende en uitgaande stroom als percentage van de inkomende stroom bedraagt voor fofor -5% tot 3%, voor stikstof -3% tot 5% en voor kalium -5% tot 10%. Deze relatieve verschillen zijn van een orde van grootte die voor dit soort berekeningen verwacht kan worden. Echter, voor 1989 zijn de balansverschillen voor alle mineralen veel groter dan voor de overige jaren. Voorraadmutaties of statistische fouen liggen waarschijnlijk ten grondslag aan deze verschillen. De conclusie is wel dat de gegevens voor 1989 met enige voorzichtigheid moeten worden gebruikt. De volgens de balansmethode berekende mineralenoverschotten in de landbouw laten tussen 1970 en 1989 een stijging zien, die het grootst is voor stikstof en kalium (ca. 50%) en veel geringer voor fosfor (ca. 15%). De toename van de overschotten weerspiegelt de aanzienlijke groei van de veestapel tot aan het midden van de jaren tachtig. Hierdoor is zowel het krachtvoergebruik als het ruwvoergebruik, gestimuleerd door een toename van het gebruik van stikstofkunstmest, sterk gestegen. Omdat de efficiëntie van de dierlijke productie in deze periode nagenoeg onveranderd is gebleven, is ook de hoeveelheid mineralen in de dierlijke mest navenant toegenomen (tussen 1970 en 1986 voor fosfor met 45% en voor stikstof met 65%). Het feit dat de overdosering van fosfor in krachtvoer vanaf het midden van de jaren zeventig is verminderd, blijkt uit één van de belangrijkste oorzaken van de minder ongunstige ontwikkeling van het fosforoverschot. In het midden van de jaren zeventig is namelijk reeds begonnen met de matiging van de toevoeging van voederfosfaat aan mengvoeders. Hryt stikstof- en kaliumgehalte van krachtvoer is echter tot 1986 nog enigszins toegenomen. Verder is tussen 1970 en 1982 ook het gebruik van fofaatmeststoffen afgenomen. Het gebruik van stikstofkunstmest daarentegen is tot 1987 juist aanzienlijk gestegen, waardoor behalve de productie ook het stikstofgehalte van graslandproducten is toegenomen. In mindere mate geldt hetzelfde voor kalium. De overschotten in de landbouw bedroegen in 1990 75-80 mln kg P, 660-680 mln kg N en 175-180 mln kg K. De overschotten zijn gedaald ten opzichte van een aantal voorafgaande jaren. Het jaar met de grootste overschotten is vooralsnog 1986, met een overschot van ca. 95 mln kg P, ca. 810 mln kg N en ca 195 mln. kg K. De relatieve daling ten opzichten van 1986 was het grootst voor stikstof en fosfor (ca. 18%) en bedroeg voor kalium ca 12%. Het fosforoverschot was in 1990 gedaald tot onder het niveau van het overschot in 1970. Daarentegen lag zowel het stikstof- als het kaliumoverschot in 1990 nog 35-30% boven dat van 1970. Omdat, net als bij de dierlijke productie, de efficiëntie van de plantaardige productie voor stikstof en kalium niet en voor fosfor slechts weinig is verbeterd, was de aanvoer van stikstof en fosfor nog altijd ca. 2,5 maal groter en van kalium ca 1.4 maal groter dan de afvoer: deze overmaat verschilt nog nauwelijks van die in 1970. De daling van de mineralenoverschotten na 1986 kan voor een belangrijk deel worden verklaard met de volgende factoren: afname van de rundveestapel ten gevolge van de 'Beschikking superheffing', een afname van het aantal dieren in de intensieve veehouderij ten opzichte van 1986, verdergaande daling van fosforgehalten van krachtvoer, een aanzienlijke daling van het gebruik van stikstofmeststoffen (in 1989/90 18% ten opzichte van 1986) en een lichte daling van het gebruik van fosfor en kalium in kunstmest. Auteur: Jaar van uitgave: Website: Mineralen in de landbouw, 1970-1990 (PDF) |
|||
| Websites (2) | |||
|
|||
|
Het Compendium voor de Leefomgeving is een online informatiebron met feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte. Het compendium is gericht op beleidsmakers, onderzoekers en burgers. Het Compendium voor de Leefomgeving is ontstaan uit de samenvoeging van twee websites: het voormalige Milieu- en Natuurcompendium en de Monitor Nota Ruimte. Website: Compendium voor de Leefomgeving Email:redactie@milieuennatuurcompendium.nl |
|||
|
|||
|
Online rapportage uit die de feitelijke ruimtelijke ontwikkelingen weergeeft. De 'Monitor Nota Ruimte' schetst aan de hand van een 70-tal indicatoren een beeld van Nederland op ruimtelijk gebied. De indicatoren worden tweejaarlijks geüpdate. Organisatie: Planbureau voor de Leefomgeving, CBS en Wageningen Universiteit en Researchcentrum De Monitor Nota Ruimte is een onderdeel van het Compendium voor de Leefomgeving. Contactpersoon: Website: Monitor Nota Ruimte Email:johan.vanderschuit@pbl.nl |
|||
Deskundigen |
|||
| Monitoring deskundigen (2) | |||
|
|||
|
Organisatie: Functie/taken:
Telefoon: 070 – 337 42 00 Website: CBS Email:ldrn@cbs.nl |
|||
|
|||
|
Organisatie: Functie/taken:
Telefoon: 070 – 337 41 03 Website: CBS Email:lslt@cbs.nl |
|||
Systemen en projecten |
|||
| Monitoringsystemen en -projecten (15) | |||
|
|||
|
Met de Punt Transect Tellingen (PTT) worden de aantalsontwikkeling en verspreiding van in ons land doortrekkende en/of overwinterende vogels vastgelegd. Dit kunnen zowel Nederlandse broedvogels zijn als vogels afkomstig uit bijvoorbeeld Scandinavië of Oost-Europa. Organisatie: SOVON Vogelonderzoek Nederland Website: PTT (website SOVON) Email:willem.vanmanen@sovon.nl |
|||
|
|||
|
Het Landelijk Grondgebruiksbestand Nederland (LGN) is een landsdekkend bestand gebaseerd op een combinatie van geodata waarbij satellietgegevens een belangrijke informatiebron zijn. Het LGN-bestand is een product van het Centrum voor Geo-informatie dat onderdeel uitmaakt van Wageningen Universiteit en Research centrum. Website: Landelijk Grondgebruiksbestand Nederland Email:gerard.hazeu@wur.nl |
|||
|
|||
|
Het Watervogelmeetnet volgt de aantalsontwikkelingen van watervogels, zowel voor heel Nederland als op de schaal van afzonderlijke gebieden, waaronder bijvoorbeeld Natura2000. Het meetnet geeft tevens (indirect) een beeld van de veranderingen in de ecologische toestand van wetlands. Organisatie: SOVON Vogelonderzoek Nederland Dit meetnet is een onderdeel van het Netwerk Ecologische Monitoring. Website: Watervogelmeetnet (website SOVON) Email:michel.klemann@sovon.nl |
|||
|
|||
|
Het nestkaartenproject richt zich op het verzamelen van lotgevallen van nesten. Informatie over legdata, legselgrootte en nestsucces, en eventuele redenen van mislukken van nesten, vormen de belangrijkste ingrediënten van het project. Organisatie: SOVON Vogelonderzoek Nederland Dit meetnet is een onderdeel van het Netwerk Ecologische Monitoring. Website: Nestkaartenproject (website SOVON) Email:frank.majoor@sovon.nl |
|||
|
|||
|
Het Meetnet Geel schorpioenmos onderzoekt deze soort op de enige plek waar zij in Nederland voorkomt. De resultaten worden gebruikt voor rapportages aan de EU over de Habitatrichtlijn. Uitvoerende organisatie: Bryologische en Lichenologische Werkgroep (BLWG) Dit meetnet is onderdeel van het Netwerk Ecologische Monitoring (NEM). Website: BLWG (onderzoekspagina) Email:sparrius@blwg.nl |
|||
|
|||
|
Het Netwerk Ecologische Monitoring (NEM) is het samenwerkingsverband van overheidsorganisaties voor de monitoring van de natuur in Nederland. Het doel is om de verzameling van gegevens af te stemmen op de informatiebehoefte van de overheid. De meetnetten van het NEM worden gecoördineerd door Particuliere Gegevensbeherende Organisaties (PGO’s). De partners in het NEM zijn:
Het NEM wordt aangestuurd door de Stuurgroep NEM, bestaande uit vertegenwoordigers van de NEM-partners. De Stuurgroep wordt ondersteund door het Kernteam NEM.
Voorzittende organisatie Stuurgroep NEM Website: Netwerk Ecologische Monitoring Email:w.j.remmelts@minlnv.nl |
|||
|
|||
|
Doel van het Landelijk Meetnet Libellen is het bijhouden van de veranderingen in de libellenstand in Nederland. Dit meetnet is een onderdeel van het Netwerk Ecologische Monitoring (NEM). Organisatie: Vlinderstichting en het CBS, in samenwerking met het ministerie van EL&I/Directie Kennis. Website: Landelijk Meetnet Libellen (website Vlinderstichting) Email:tim.termaat@vlinderstichting.nl |
|||
|
|||
|
Dit meetnet brengt trends in beeld van korstmossen die op de Rode Lijst staan. Resultaten worden gepubliceerd in de BLWG-rapporten. Uitvoerende organisatie: Bryologische en Lichenologische Werkgroep (BLWG) Dit meetnet is een onderdeel van het Netwerk Ecologische Monitoring (NEM). Website: Landelijk Meetnet Korstmossen (website BLWG) Email:sparrius@blwg.nl |
|||
|
|||
|
Het Landelijk Meetnet Flora - Milieu & Natuurkwaliteit maakt onderdeel uit van het Netwerk Ecologische Monitoring (NEM). Het LMF - M&N wordt uitgevoerd door de provincies. Betrokken organisaties: provincies, CBS, IPO, PBL Contactpersonen: Email:ldrn@cbs.nl |
|||
|
|||
|
Doel van het Landelijk Meetnet Vlinders is het verzamelen van actuele informatie over de veranderingen in de dagvlinderstand in Nederland. Dit meetnet is een onderdeel van het Netwerk Ecologische Monitoring (NEM). Organisatie: Vlinderstichting in samenwerking met CBS Website: Landelijk Meetnet Vlinders (website Vlinderstichting) Email:kars.veling@vlinderstichting.nl |
|||
|
|||
|
Het Meetnet Dagactieve Zoogdieren is gericht op het volgen van de populatieontwikkeling van enkele algemeen voorkomende zoogdieren zoals konijn, haas, ree, vos en eekhoorn. Uitvoering: Zoogdiervereniging Dit meetnet is een onderdeel van het Netwerk Ecologische Monitoring. Website: Meetnet Dagactieve Zoogdieren (website NEM) Email:info@zoogdiervereniging.nl |
|||
|
|||
|
De hazelmuis is een beschermde soort binnen de Europese Habitatrichtlijn en komt voor in Zuid-Limburg. Met behulp van het Meetnet Hazelmuis zijn de effecten van het beheer op deze soort te evalueren. Organisatie: Zoogdiervereniging Dit meetnet is een onderdeel van het Netwerk Ecologische Monitoring. Website: Meetnet Hazelmuis (website NEM) Email:info@zoogdiervereniging.nl |
|||
|
|||
|
Alle vleermuizen staan op de Europese Habitatrichtlijn en zijn daarmee beschermde soorten. De helft van de soorten in Nederland wordt gevolgd met het Meetnet Vleermuizen in winterverblijven. Organisatie: Zoogdiervereniging Dit meetnet is een onderdeel van het Netwerk Ecologische Monitoring (NEM). Website: Vleermuizen winterverblijven (website NEM) Email:vlen@zoogdiervereniging.nl |
|||
|
|||
|
Met het Meetnet Vleermuizen zoldertellingen worden de grijze grootoorvleermuis en de ingekorven vleermuis gevolgd. Deze soorten zijn opgenomen in de EU-Habitatrichtlijn. Organisatie: Zoogdiervereniging Dit meetnet is een onderdeel van het Netwerk Ecologische Monitoring (NEM). Website: Meetnet Vleermuizen zoldertellingen (website NEM) Email:vlen@zoogdiervereniging.nl |
|||
|
|||
|
Het Meetnet Weidevogels beoogt de aantalsontwikkeling van algemene weidevogels te volgen, zoals grutto en kievit. De resultaten worden daarnaast gebruikt voor o.a. de evaluatie van agrarisch natuurbeheer. Organisatie: SOVON Vogelonderzoek Nederland Dit meetnet is een onderdeel van het Netwerk Ecologische Monitoring (NEM) Website: Meetnet Weidevogels (website NEM) Email:info@sovon.nl |
|||