RSS

Zoek informatie

Uitgebreid zoeken zoek Toon alles zoek
zoek

Geef informatie

  zoek
terug | printen
Laatste wijziging: 25 okt 2011
Systemen en projecten > Monitoringsystemen en -projecten:

PRISMA


Elk jaar voeren de provincies een aantal gezamenlijke milieuprojecten uit. Deze interprovinciale milieuprojecten vinden plaats in het kader van het Programma IPO Strategische Milieu Agenda: PRISMA
De projecten beslaan alle milieuthema's die voor de provincies prioriteit hebben. Voor de statenperiode 2011-2015 zijn dat o.a.:
  • Energie en klimaat
  • Geluid
  • Luchtkwaliteit
  • Biodiversiteit
  • Bodemkwaliteit
  • Duurzame ontwikkeling
  • Omgevingsvergunning
  • Vergunningverlening
  • Handhaving
Aan het begin van elk jaar verschijnt het PRISMA jaarprogramma met een beschrijving van de projecten voor dat jaar.
Na afloop van het jaar worden de resultaten van alle projecten samengevat in het PRISMA jaarverslag.
De website Monitoring Strategische Projecten geeft een overzicht van de voortgang van de projecten.
De nieuwsbrief IPO Milieuwerk publiceert regelmatig nieuws over de PRISMA projecten.
PRISMA bestaat sinds 2005. Tot en met 2004 voerden de provincies hun gezamenlijke milieuprojecten uit onder de naam 'Interprovinciaal Milieuprogramma' (IPM).

Meer informatie: Joyce Klink (IPO)
Telefoon: 070 - 888 12 31

PRISMA 2011


Prisma publicaties 2011:

PRISMA 2010


PRISMA publicaties 2010:

PRISMA 2009


PRISMA publicaties 2009:

PRISMA 2008


PRISMA 2007


PRISMA publicaties 2007:

PRISMA 2006


PRISMA publicaties 2006:

PRISMA 2005


PRISMA publicaties 2005:

IPM 2004


IPM publicaties 2004:

IPM 2003


IPM publicaties 2003:

IPM 2002

IPM publicaties 2002:

IPM 2001

IPM publicaties 2001:




Gerelateerde informatie in het Monitoringportaal:



Organisaties

Overheden en semi-overheden (1)
 
Interprovinciaal Overleg (IPO)
 

Het Interprovinciaal Overleg (IPO) heeft twaalf leden: de Nederlandse provincies.
Met die samenwerking wil het IPO de condities optimaliseren waaronder provincies werken.

Het IPO is actief op dezelfde terreinen als de provincies: milieu, landelijk gebied, sociaal beleid, ruimtelijke ontwikkeling, wonen, cultuur, water, veiligheid en handhaving, economie en mobiliteit.

Postadres
Postbus 16107
2500 BC  Den Haag

Bezoekadres
Muzenstraat 61
2511 WB  Den Haag

Telefoon: 070 - 888 12 12
Fax: 070 - 888 12 80


Website: Interprovinciaal Overleg (IPO)
Email:ipo-info@wb.ipo.nl
Overig (1)
 
Erbij
 

Erbij is een uitwisselingsforum voor professionals. Experts op het gebied van milieu-informatie, moderne webtechnologie en meta-informatie standaarden werken hier samen aan het harmoniseren van overheidsinformatie en een verbeterde toegang tot milieu-informatie. Op de webpagina erbij/kwali-tijd werken de Provincies, IPO en het RIVM samen om de kwaliteit van de bodem- en grondwatermeetnetten onderling vergelijkbaar te maken.

RSS: http://www.erbij.nl/erbij_tot_rss.asp
Twitter: http://www.twitter.com/erbij
Erbij op Overheid 2.0: http://www.overheid20.nl/workspaces/index/73/erbij


Website: Erbij
Email:info@erbij.nl
 

Produkten

Publicaties (71)
 
Uitvoering Besluit Risico's Zware Ongevallen (BRZO '99) voor provinciale inrichtingen - 2003
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
Het doel van deze rapportage is het informeren van de provinciale bestuurders en andere betrokkenen over de voortgang van de uitvoering van het BRZO’99. De rapportage sluit aan op de rapportages over 2001 en 2002. De rapportage is tot stand gekomen op basis van afspraken in het landelijke overleg van BRZO-coördinatoren waaraan vertegenwoordigers van de provinciale milieudiensten, de Arbeidsinspectie en de kernregio’s van de Brandweer deelnemen. De kwantitatieve gegevens zijn gebaseerd op opgaven van de vertegenwoordigers van de provinciale milieudiensten. De voortgang is uiteraard de resultante van de gezamenlijke inspanningen van medewerkers van brandweer, Arbeidsinspectie en provinciale milieudiensten.

Auteur:
IPO

Jaar van uitgave:
2003


Website: Uitvoering Besluit Risico's Zware Ongevallen (BRZO '99) voor provinciale inrichtingen - 2003 (PDF)
 
Advies Nazorg Voormalige Stortplaatsen (NAVOS)
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
De risico's die deze oude stortplaatsen met zich meebrengen zijn wat beter in kaart gebracht en er is beter inzicht verkregen in de financiële omvang van de problematiek. Dit is gedaan door bundeling van kennis en ervaring van alle provincies in een groot project: Nazorg Voormalige Stortplaatsen (NAVOS).

Auteur:
NAVOS

Jaar van uitgave:
2005

Download (PDF):
Rapport
Achtergronden


 
Agrobiodiversiteit, landbouw en provincies
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
Dit onderzoek gaat over biodiversiteit en landbouw, de wijze waarop beide elkaar kunnen versterken en de rol die provincies daarbij kunnen spelen. Deel I van het rapport geeft een brede strategische verkenning van biodiversiteit en ecosysteemdiensten en schetst daarmee de context voor het onderzoek in deel II. Deel II doet verslag van de resultaten van een inventarisatie en beoordeling van agrobiodiversiteitmaatregelen in de landbouw en van de wijze waarop provincies invulling geven aan hun rol en instrumenteninzet. In deel III worden samenvattende conclusies en aanbevelingen aan provincies gegeven.

Auteurs:
H. ten Holt, J. Hagens en H. Blanken (NovioConsult)

Rapportnummer:
3335-HtH/AvS

Jaar van uitgave:
2011


Website: Agrobiodiversiteit, landbouw en provincies (PDF)
Email:kgiesen@brabant.nl
 
Analyse van de provinciale EU actieplannen voor het aanpakken van prioritaire geluidknelpunten langs provinciale wegen
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
De actieplannen zijn beleidsdocumenten die zowel het beleid beschrijven voor zover dat strekt tot beperking van de geluidsbelasting, alsmede de extra, in de eerstvolgende vijf jaar te treffen maatregelen. De bronbeheerders zijn, hoewel de naam “actieplan” anders doet vermoeden, niet verplicht om de in het actieplan beschreven maatregelen daadwerkelijk te treffen. Zij spreken wel het voornemen daartoe uit. Bij het vaststellen van de actieplannen moet wel voldoende aannemelijk zijn dat de voorgenomen maatregelen, tenminste in technische en financiële zin, uitvoerbaar zijn.

Doel van de maatregelen is om het aantal gehinderden, ernstig gehinderden en slaapgestoorden te verminderen door het verlagen van de geluidsbelasting door wegverkeer. Hierdoor wordt de milieukwaliteit langs de provinciale wegen verbeterd.

Auteur:
Sight Ruimte en Milieu

Rapportnummer:
P070234-5-090227-296-R-CW-rd eindrapport

Jaar van uitgave:
Februari 2009


Website: Analyse van de provinciale EU actieplannen voor het aanpakken van prioritaire geluidknelpunten langs provinciale wegen (PDF)
 
Bouwstenen van een bodemvisie: bodembeheer in ruimtelijke ontwikkelingen
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
Uit eerder onderzoek is gebleken dat het voor velen, onder andere voor planologen, niet duidelijk is wat het werkveld 'bodem' nu eigenlijk nodig heeft. Een verklarend onderzoek.

Auteurs:
R. Westerhof, J. Griffioen en H. Werksma

Rapportnummer:
005.64044

Jaar van uitgave:
2005


Website: Bouwstenen van een bodemvisie. Bodembeheer in ruimtelijke ontwikkelingen (PDF)
 
De bodem als RO-planningsfactor in het landelijk gebied
 

PRISMA rapport

Volledige titel:
Bodem als RO-planningsfactor in het landelijk gebied. Handreiking voor de werkvelden bodem en planologie.

Samenvatting:
Resultaten van onderzoek naar het vinden en ontwikkelen van argumenten en instrumenten voor het integreren van duurzaam bodembeheer en ruimtelijke ontwikkeling.

Auteurs:
R. Westerhof, R. Busink, H. Werksma, H. Puylaert en C. Balduk

Jaar van uitgave:
2003


Website: Bodem als RO-planningsfactor in het landelijk gebied (PDF)
 
Dosis-effect-relatie-geur: effecten van geur
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
De belangrijkste en meest voorkomende gezondheidseffecten van geur zijn hinder en verstoring van activiteiten en gedrag. Stressgerelateerde gezondheidseffecten kunnen ook optreden. Het is echter niet duidelijk welke gezondheidseffecten dit zijn, zodat er geen dosis-effect relatie opgesteld kan worden.De woontevredenheid is geen goede indicator voor de effecten van geur. Over het algemeen leveren andere kenmerken van de woning- of woonomgeving dan de geurbelasting of ernstige geurhinder een belangrijkere bijdrage aan de woontevredenheid.

Auteurs:
T. Fast en M. Smeets (OpDenKamp Adviesgroep)

Rapportnummer:
IP-DER-06-40

Jaar van uitgave:
2006


Website: Dosis effect relatie geur, effecten van geur (PDF)
 
Draaiboek voor de organisatie van een evenement over Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen
 

PRISMA rapport

Volledige titel:
Draaiboek voor de organisatie van een evenement gebaseerd op de organisatieprocedure van het MVO-Event 'Duurzaam=Gewoon Doen!' 27 maart 2008 in de Zeelandhallen te Goes

Samenvatting:
Deze handleiding geeft een stapsgewijs overzicht van de elementen die van belang zijn om in overweging te nemen bij de organisatie van een evenement rondom MVO (Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen). Deze handleiding is geschreven vanuit het perspectief van een overheidsorganisatie, namelijk een provinciale organisatie. Het organiseren van een dergelijk evenement door een provinciale organisatie is geen standaard bezigheid. Deze handleiding is opgesteld om een beeld te geven van datgene wat noodzakelijk is om dit evenement te kunnen organiseren.

Auteurs:
A. Mol, J. Feijtel en S. Janssen

Jaar van uitgave:
2008


Website: Draaiboek voor de organisatie van een evenement over Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (PDF)
 
Duurzame gebiedsontwikkeling: duurzame wijken in de praktijk
 

PRISMA rapport

Volledige titel:
Duurzame wijken in de praktijk. Met de instrumenten van DPL en DKK

Samenvatting:
Gebiedsontwikkeling is een belangrijk aanknopingspunt voor gemeenten om daadwerkelijk een duurzaam beleid te realiseren. Enerzijds gebruiken zij het meetinstrument "Duurzaamheidsprofiel van een locatie" (DPL) en anderzijds een instrument dat de mogelijke maatregelen in kaart brengt: het "DuurzaamheidsKansenKompas" (DKK).

Auteur:
Rogier Wilms (projectleider)

Jaar van uitgave:
2006


Website: Duurzame wijken in de praktijk (PDF)
 
Duurzame gebiedsontwikkeling: meten aan duurzaamheid van een wijk
 

PRISMA rapport

Volledige titel:
Meten aan duurzaamheid van een wijk. Het duurzaamheidsprofiel - DPL - in de praktijk.

Samenvatting:
Er is steeds meer vraag naar duurzaamheid bij gebiedsontwikkeling. Het duurzaamheidsprofiel (DPL) is een handzaam instrument om de duurzaamheid van een gebied of wijk te meten.

Auteur:
Rogier Wilms (projectleider)

Jaar van uitgave:
2006


Website: Meten aan duurzaamheid van een wijk (PDF)
 
Duurzame gebiedsontwikkeling: projectbeschrijving Cascadepark Almere
 

PRISMA rapport

Volledige titel:
Projectbeschrijving Cascadepark Almere West

Samenvatting:
Almere als duurzame stad krijgt extra betekenis met het Cascadepark West, het stadspark voor Almere Poort. Het is een belangrijke ambitie om het Cascadepark tot een inspirerend voorbeeld te maken van duurzaamheid in Nederland.

Auteur:
Rogier Wilms (projectleider)

Jaar van uitgave:
2006


Website: Projectbeschrijving Cascadepark Almere (PDF)
 
Energie Prestatie op Locatie (EPL) voor bedrijventerreinen: onderzoek naar nut en haalbaarheid
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
De EPL Bedrijventerreinen (EnergiePrestatie op Locatie) als instrument kan bijdragen aan het realiseren van dit potentieel en een goede afweging mogelijk maken tussen het rendement van individuele en collectieve energieopties. Op dit moment ontbreekt het aan een energiemeetlat voor bedrijventerreinen. In opdracht van het IPO (Interprovinciaal Overleg) heeft CE onderzocht of een EPL voor bedrijventerreinen haalbaar is en of een dergelijk instrument uiteindelijk ook in de behoefte van potentiële gebruikers kan voorzien. Daarbij hebben we gekeken naar de behoefte, knelpunten bij de ontwikkeling en mogelijke ontwerpvarianten.

Auteurs:
M.J. Blom, F.J. Rooijers en K. Singels

Rapportnummer:
04.6414.02

Jaar van uitgave:
2004


Website: Energie Prestatie op Locatie (EPL) voor bedrijventerreinen: onderzoek naar nut en haalbaarheid (PDF)
 
Facilitering tweede tranche EU-richtlijn omgevingslawaai
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
De EU-richtlijn omgevingslawaai heeft als doelstelling om een eenduidig beeld van de geluidsproblematiek in Europa te krijgen. Provincies hebben hiervoor in 2007 respectievelijk 2008 (zogenaamde eerste tranche) geluidskaarten en actieplannen opgesteld voor de drukste provinciale wegen. Uit evaluaties van deze eerste tranche is gebleken dat er tussen de provincies veel verschillen zijn in aanpak en uitvoering. Inmiddels komt de tweede tranche er aan. Deze handelt over meer wegen dan de eerste tranche, omdat ook minder drukke wegen meegenomen worden. In dit prismaproject is bekeken hoe een meer eenduidige aanpak van de tweede tranche vorm kan krijgen.
 
De resultaten zijn in een aantal documenten vastgelegd, waaronder een “Draaiboek en script”. Het “draaiboek” heeft betrekking op de procesmatige aspecten van het opstellen van kaarten en actieplannen. Het “script” verwijst naar diverse inhoudelijke aspecten die nader uitgewerkt en van voorbeelden voorzien zijn. Met deze documenten worden de provinciale medewerkers ondersteund in een gestructureerde en efficiënte werkwijze. In een tweetal bijeenkomsten zijn het draaiboek en script uitgebreid toegelicht en besproken. Daarnaast is er veel aandacht geweest voor communicatie met burgers en bestuurders.

Auteur:
Paul Driessen

Jaar van uitgave:
2010


Website: Facilitering tweede tranche EU-richtlijn omgevingslawaai (website dBvision)
 
Gebiedenatlas 2003: overzicht van provinciale en nationale gebiedsindelingen
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
Dit rapport geeft een overzicht van kaarten die kunnen worden gebruikt in het kader van gebiedsspecifiek beleid. Meer dan honderd provinciale en nationale kaarten, bestaande uit honderdvijftig digitale datasets, werden verzameld. Uit de inventaris kan worden opgemaakt dat drie miljoen hectare van de Nederlandse grond deel uitmaakt van één of meerdere vormen van gebiedsspecifiek provinciaal beleid. Ongeveer zestig procent heeft te maken met slechts één vorm, terwijl vijftien procent te maken heeft met meerdere vormen van beleid.

De kortgeleden geïntroduceerde categorie van SGB-gebieden bestaat uit ongeveer 2.3 miljoen hectare land, terwijl oudere provinciale categorieën substantieel minder gebied omvatten. De resultaten van het onderzoek komen tegemoet aan een behoefte aan een digitaal overzicht van de data, net zoals zijn voorganger. Er is echter nog genoeg werk aan het beschikbaar maken van de data aan al het werk op het gebied van gebiedsspecifiek beleid.

Auteurs:
C.G.J. Schotten, W.T. Boersma, J.D. Kunst, M.L.P. van Esbroek en R. de Niet

Jaar van uitgave:
2003


Website: Gebiedenatlas 2003: overzicht van provinciale en nationale gebiedsindelingen (PDF)
 
Gebruik (fijner) zand in beton - Monitoring gebruik (fijner) zand in beton
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
In Nederland wordt al enige jaren gediscussieerd over de inzet van alternatieven voor beton en metselzand. Als gevolg hiervan is door diverse organisaties onderzoek verricht naar de mogelijkheden van de verschillende alternatieven. Geconcludeerd is dat het gebruik van fijner zand in beton op korte termijn tot de meest realistische alternatieven behoort. Dit zand is in ruim voldoende voorraad beschikbaar, van primaire oorsprong en zonder belemmeringen binnen de vigerende regelgeving toe te passen.

Het VIBO1, een samenwerkingsverband tussen het ministerie van Verkeer en Waterstaat en de provincies (verenigd in IPO2) heeft echter de indruk dat het gebruik van fijner zand in beton, ondanks de positieve onderzoeksresultaten niet van de grond komt. Het VIBO wil in kwantitatieve en kwalitatieve zin laten onderzoeken welk zand door de betonindustrie wordt verbruikt, waarbij specifieke aandacht besteed moet worden aan het gebruik van fijner zand. In opdracht van VIBO heeft INTRON dit onderzoek uitgevoerd onder de betonmortel- en betonproductenindustrie. Het onderzoek is een aangepaste herhaling van het in 1997 uitgevoerde onderzoeksproject: “Inventarisatie van kwaliteit en kwantiteit van betonzand in de markt”.

Auteur:
Rijkswaterstaat, Dienst Weg- en Waterbouwkunde

Jaar van uitgave:
2005


Website: Gebruik (fijner) zand in beton - Monitoring gebruik (fijner) zand in beton (PDF)
 
Gebruik (fijner) zand in beton - Stimuleren gebruik fijner zand in beton: opzet
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
In opdracht van VIBO1 is door INTRON in een verkennende studie onderzoek verricht naar de knelpunten en de kostenconsequenties die spelen rondom het gebruik van fijner zand in beton. Als één van de belangrijkste aanbevelingen uit deze oriëntatiefase kwam het uitvoeren van een of meerdere praktijkprojecten, waarbij de gehele bouwkolom wordt betrokken. Op deze wijze kunnen alle betrokken partijen kennis en ervaring opdoen rondom beton met fijner zand. Het doel van de praktijkprojecten is meer inzicht te verkrijgen in de mogelijke praktische knelpunten en kostenconsequenties die bij het gebruik van fijner zand in beton optreden.

In dit rapport wordt de keuze, de organisatie en de uitvoering van praktijkprojecten beschreven. De werkelijke uitvoering van de praktijkprojecten zal later worden gerealiseerd. Voorgesteld wordt de praktijkprojecten gefaseerd uit te voeren: inventarisatie van verwachtingen en kennis, voorbereidende werkzaamheden en de daadwerkelijke uitvoering van het project. Van de praktijkprojecten zal een rapport worden opgesteld die wordt opgenomen in een door de Stichting CUR uit te brengen voorbeeldenboek / handboek “Fijner zand in beton”.

Auteur:
Rijkswaterstaat, Dienst Weg- en Waterbouwkunde

Jaar van uitgave:
2005


Website: Gebruik (fijner) zand in beton - Stimuleren gebruik fijner zand in beton: opzet (PDF)
 
Gebruik (fijner) zand in beton - Stimuleren gebruik fijner zand in beton: verkennende fase
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
In Nederland wordt reeds enige jaren gesproken over het gebruik van fijner zand in beton als alternatief voor het gebruik van grof betonzand. De winlocaties waar in Nederland grof betonzand gewonnen wordt nemen af en vergunningen voor nieuwe locaties zijn nog niet afgegeven. Uit technisch onderzoek is gebleken dat het gebruik van fijner zand in beton op korte termijn zeker tot de mogelijkheden behoort. De betonregelgeving werpt geen belemmeringen op tegen het gebruik van fijner zand in beton. Echter, ondanks de dreiging van een tekort aan beton- en metselzand lijken marktpartijen geen actie te ondernemen om fijner zand in beton te gaan gebruiken.

In opdracht van VIBO1 is door INTRON onderzoek verricht naar de knelpunten en met name de kostenconsequenties die spelen rondom het gebruik van fijner zand in beton. Tevens is gevraagd aanbevelingen te doen om het gebruik van fijner zand in beton te stimuleren.

Auteur:
Rijkswaterstaat, Dienst Weg- en Waterbouwkunde

Jaar van uitgave:
2005


Website: Gebruik (fijner) zand in beton - Stimuleren gebruik fijner zand in beton: verkennende fase (PDF)
 
Gezondheid en Milieu: rapport Welkom in provincie Bovenrijn
 

PRISMA rapport

Volledige titel:
Gezondheid en Milieu: welkom in de provincie Bovenrijn. Uw provincie werkt aan een gezonde leefomgeving

Samenvatting:
In 2005 startte het IPO met het project Gezondheid en Milieu, een project dat deel uitmaakt van het Programma IPO Strategisch Milieu Agenda (Prisma). Doel van het project is milieuproblemen en de bijbehorende gezondheidseffecten te inventariseren en te rangschikken om zo prioriteiten voor het beleid te kunnen vaststellen. Centraal staan vier veroorzakers van gezondheidsproblemen bij burgers: luchtverontreiniging, geurhinder, geluid en externe veiligheid. Voor elke provincie is onderzocht hoeveel mensen last hebben van deze problemen en in welke mate. In ‘Werken en leven in Bovenrijn’ leest u meer over de relatie milieubelasting en gezondheid en maakt u via de provincie Bovenrijn op speelse wijze kennis met de mogelijkheden van de Gezondheidseffectscreening (GES), een wetenschappelijk onderbouwde methode die zicht geeft op de gezondheidskundige knelpunten veroorzaakt door milieuproblemen in een gebied.

Auteur:
IPO

Jaar van uitgave:
2009

Bijlagen:
PowerPoint presentatie (PPT)
GES applicatie (ZIP)


Website: Welkom in de provincie Bovenrijn (PDF)
 
Haalbaarheid van ecologische waterkwaliteitsdoelstellingen met gebiedsgerichte maatregelen door de landbouw
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
Het IPO heeft Royal Haskoning en DLV-adviesgroep gevraagd een pilotstudie te verrichten naar gebiedsgerichte maatregelen ter verbetering van de oppervlaktewaterkwaliteit als gevolg van de invoering van de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). De studie richt zich op maatregelen die in de landbouwsector genomen kunnen worden om de doelen van de KRW te behalen. Bijdragen uit andere bronnen worden niet meegenomen. Deze studie heeft een globaal, verkennend karakter.

Auteurs:
Dhr. P. van Boheemen, Dhr. E. Zigterman, Dhr. M. Arts, Dhr. A. Otte

Rapportnummer:
9P3787.A0

Jaar van uitgave:
2004


Website: Haalbaarheid van ecologische waterkwaliteitsdoelstellingen met gebiedsgerichte maatregelen door de landbouw (PDF)
 
Handboek licht/donker: beleid en uitvoeringsinstrumenten voor provincies
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
Het 'Handboek licht/donker: beleid en uitvoeringsinstrumenten voor provincies' is het resultaat van het PRISMA project 'Lichtvervuiling en donkertebescherming' uit 2009. Doel van het handboek is expertise en ervaring op het gebied van lichtvervuiling, donkertebescherming en lichthinder te delen met alle provincies, om zo het beleid op dit gebied te verbeteren.

Auteurs:
Beatrijs Oerlemans en Daaf de Kok / de Kok & partners

Jaar van uitgave:
2010


Website: Handboek licht/donker (PDF)
 
Handboek Monitoring Bodemsanering
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
Voor het volgen van de bodemsaneringsoperatie richting de doelstellingen uit het derde Nationaal MilieubeleidsPlan zijn goede indicatoren nodig. Zowel voor de uitvoerende bodemoverheden zelf als voor het landelijk beeld is het noodzakelijk te weten of we op de goede weg zijn of dat we moeten bijsturen. Voor het landelijke totaalbeeld is het nodig de voortgangsresultaten van de verschillende bodemoverheden naast elkaar te kunnen leggen.

Om de gegevens over bodemonderzoek en -sanering vervolgens op een betrouwbare manier te kunnen vergelijken en aggregeren is het van groot belang dat de gehanteerde indicatoren eenduidig en goed vergelijkbaar zijn. Dit handboek geeft hiervoor de basis.

Auteurs:
Quintens advies & management, Tauw BV en RIVM (versie 1, oktober 2001) en Royal Haskoning (versie 2, februari 2003)

Jaar van uitgave:
2003


Website: Handboek Monitoring Bodemsanering (PDF)
 
Handboek voor de provinciale en landelijke meetnetten bodem- en grondwaterkwaliteit
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
Het 'Handboek voor de provinciale en landelijke meetnetten bodem- en grondwaterkwaliteit' is gerealiseerd om de monitoring van de meetnetten bodem- en grondwaterkwaliteit op meetpunt niveau te harmoniseren alsmede de kwaliteit van de uitvoering te borgen. Het handboek is samengesteld door het Platform meetnetbeheerders bodem- en grondwaterkwaliteit.

Het handboek is het kader voor de monitoring van de diffuse bodem- en grondwaterkwaliteit in Nederland, en houdt rekening met Europese Guidances. Het handboek is het eindresultaat van het project Kwali-Tijd.

Auteur:
F.F. Otto

Jaar van uitgave:
2008



Website: Handboek voor de provinciale en landelijke meetnetten bodem- en grondwaterkwaliteit (PDF)
 
Handreiking behoud en bescherming van het aardkundig erfgoed op provinciaal niveau
 

PRISMA rapport

Volledige titel:
Ontwikkeling Landelijk Uitvoeringsprogramma Aardkundige Waarden (PRISMA project 0607 OLUAW). Handreiking behoud en bescherming van het aardkundig erfgoed op provinciaal niveau.

Samenvatting:
Dit onderzoeksrapport is het resultaat van een brede inventarisatie in Nederland rond het the-ma aardkundige waarden, uitgevoerd door Syncera B.V., TBWI consult en Alterra, in opdracht van de IPO werkgroep aardkundige waarden. Aan de orde komen wat aardkundige waarden zijn, hoe provincies, en andere overheden, er mee om gaan en hoe men dit in de toekomst wil doen, om ze te behouden en wat mogelijke bedreigingen zijn en wat dan de risico’s daarvan zijn. Het resultaat is stand van zaken anno 2006, waarvan de kern wordt weergegeven in de handreiking, de overige resultaten zijn uitgewerkt in deelrapporten. Deze zijn gebundeld in een map, waarin ook een cd-rom is opgenomen waarop alle gegevens digitaal worden aangereikt. Het betreft zaken aangaande het beleid (middels onderzoek en een enquête), de karteringsme-thoden, de kaarten die zijn samengesteld op basis van de door de provincies aangereikte data, gebiedsbeschrijvingen en voorbeeldprojecten. De resultaten hebben tot een groot aantal aan-bevelingen geleid, waarvan hier in de samenvatting een top-5 wordt weergegeven, voor de ove-rige wordt u verwezen naar hoofdstuk 5 van de handreiking.

Auteurs:
Syncera B.V. i.s.m. TBWI consult en Alterra

Jaar van uitgave:
2007


Website: Handreiking behoud en bescherming van het aardkundig erfgoed op provinciaal niveau (PDF)
 
Handreiking milieu-inbreng in ISV2
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
Het IPO wil de beleidsthema’s ”Milieukwaliteit” en ”Water en watersystemen” voor de ISV-programma’s en projecten operationeel maken, zodat provincies met betrokken gemeenten duidelijke afspraken kunnen maken over de aanpak van deze beleidsthema’s. Voorliggende handreiking concretiseert de nationale en provinciale milieudoelen waaraan de stedelijke vernieuwing kan bijdragen.

Auteur:
IPO

Jaar van uitgave:
2004


Website: Handreiking milieu-inbreng in ISV2 (PDF)
 
Handreiking stad- en milieubenadering
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
Stad & Milieu werkt, zo blijkt uit de experimenten die 25 gemeenten in de afgelopen jaren hebben uitgevoerd. Door in complexe ruimtelijke projecten milieu tijdig en op een slimme wijze mee te nemen, is telkens een optimale leefomgevingskwaliteit bereikt. Het succes van de Stad & Milieubenadering ligt in de integrale en gebiedsgerichte aanpak. Daardoor bleek het uiteindelijk slechts in enkele gevallen nodig af te wijken van wettelijke milieunormen.

Auteur:
IPO

Jaar van uitgave:
2005


Website: Handreiking stad- en milieubenadering (PDF)
 
Identificatie daadwerkelijke spoedlocaties (PRISMA deelproject 1)
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
In opdracht van het Interprovinciaal Overleg (IPO) is door een consortium van ARCADIS, ReGister en Bureau 3B een onderzoek uitgevoerd, dat de eerste stap zet in de richting van de identificatie van de ‘daadwerkelijke’ spoedlocaties in Nederland. Het consortium was daarbij faciliterend aan de leden van het IPO. 

Doel van het totale project is het ontwikkelen en toepassen van een methode waarmee de potentiële spoedlocaties uit de databestanden kunnen worden geselecteerd die bij de provincies beschikbaar zijn. Tevens moet het mogelijk zijn hieruit weer een nadere selectie te maken van de locaties waar daadwerkelijk veldwerk moet worden uitgevoerd en moet aan de locaties of groepen van locaties een inschatting van de saneringskosten worden verbonden.

In dit deelrapport wordt de selectie en beoordeling van spoedlocaties beschreven. Aan dit deelrapport ligt een eerder rapport met de gehanteerde bovenstaande electiemethode ten grondslag.

Auteur:
IPO

Jaar van uitgave:
2007


Website: Identificatie daadwerkelijke spoedlocaties (PDF)
 
Impressie werkconferentie gebiedsontwikkeling in ruimte, milieu en water
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
Op 10 december 2009 vond een bijzondere IPO-werkconferentie plaats in het belevingscentrum SMAAK in de Utrechtse Galgenwaard. Provinciale professionals vanuit milieu, water en ruimtelijke disciplines kwamen bijeen om gezamenlijk te proeven van de praktijk van integrale gebiedsontwikkeling. Tijdens deze startbijeenkomst van de strategische IPO Werkgroep Milieu in Omgevingsbeleid stond de vraag centraal hoe de provincie een duurzame gebiedsontwikkeling kan regisseren, stimuleren en faciliteren. Biedt meer samen optrekken bij ruimtelijke ontwikkelingen kansen voor kwaliteitsverbetering?

Auteur:
Rob Rothengatter, RLoC Amsterdam

Jaar van uitgave:
2009


Website: Impressie werkconferentie gebiedsontwikkeling in ruimte, milieu en water (PDF)
 
Interprovinciale rapportage Milieu, Water, Landbouw en Natuur (IPO / RIVM)
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
De rapportage heeft als doel integraal inzicht te geven in wat in 2002 in interprovinciaal verband en door de provincies afzonderlijk is gepresteerd.

De doelgroep van de rapportage is primair de bestuurlijke IPO-adviescommissie Milieu, Water, Landbouw en Natuur (IPO-MWLN). In het verlengde daarvan richt de rapportage zich op de colleges van Gedeputeerde Staten, Provinciale Staten en het (inter)provinciaal management. In verband met in het DUIV-overleg afgesproken rapportageverplichtingen worden ook de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en de Inspectie Milieuhygiëne tot de primaire doelgroepen gerekend.

De rapportage wordt daarnaast ook voorgelegd aan de Ministers van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij en van Verkeer en Waterstaat, de besturen van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, de Unie van Waterschappen en landelijk opererende belangenorganisaties, zoals de Stichting Natuur en Milieu en het Verbond van Nederlandse Ondernemingen.

Auteurs:
Projectgroep BEM1

Jaar van uitgave:
2003


Website: Interprovinciale rapportage Milieu, Water, Landbouw en Natuur (PDF)
 
Inventarisatie vulstations alternatieve brandstoffen
 

PRISMA rapport

Samenvatting:
Op dit moment bestaat er nog geen landelijk dekkend netwerk voor alternatieve transportbrandstoffen. Rekening houdend met de initiatieven voor aardgas die nog moeten worden gerealiseerd is een landelijk dekkend netwerk voor aardgas het dichtst bij. Voor alle brandstoffen geldt dat met name in de steden, en aan de toegangs- en uitvalswegen van steden vulstations voor alternatieve transportbrandstoffen gewenst zijn. In Drenthe, Groningen, Flevoland, Overijssel en Limburg is het aantal gerealiseerde en geplande vulstations relatief laag.

Uit de inventarisatie komt naar voren dat daar waar provincies een duidelijke beleidsdoelstelling uitspreken en actief hiernaar handelen er meer vulstations gerealiseerd worden. Deze ontwikkeling, die essentieel is voor de marktintroductie van duurzame transportbrandstoffen, gaat niet vanzelf. Initiatief en ondersteuning vanuit de overheid is nodig. De provincies hebben hierbij een belangrijke rol maar kunnen en doen het niet alleen. Het rijk en ook de gemeenten hebben een belangrijke rol. Het rijk kan met duidelijk, ondersteunend en ambitieus beleid voor nu én de middellange termijn een stabiel investeringsklimaat creëren. Dit is noodzakelijk voor ondernemers om te investeren in een nieuwe markt en innovatieve technologieën. De gemeenten staan dicht bij de ondernemers en bedrijven. Zij hebben een sleutelpositie als het gaat om het bij elkaar brengen van partijen, de keuze voor een locatie, communicatie en bewustwording. De provincies verkleinen de afstand van rijk naar gemeenten door hun kennis van de locale markt en het overstijgen van de gemeentegrenzen.

Auteur:
IPO

Rapportnummer:
NN-MI20071265

Jaar van uitgave:
2007

Bijlagen:

  • IPO Vulstations dekking
  • IPO Vulstations bestaand
  • IPO Vulstations gepland

  • Website: Inventarisatie vulstations alternatieve brandstoffen (PDF)
     
    IPM project Strategische Milieubeoordeling O.K. eindrapport fase 1
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    Toetsing van de Europese richtlijn SMB OK.

    Auteur:
    DHV

    Jaar van uitgave:
    2005


    Website: IPM project strategische milieubeoordeling O.K. eindrapport fase 1 (PDF)
     
    IPO - Monitor duurzame bedrijventerreinen
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    De afgelopen jaren wordt door de provincies beleid gevoerd om de kwaliteit van bedrijventerreinen een duurzaam karakter te geven. In elke provincie en in vele gemeenten zijn activiteiten gaande om dit gestalte te geven. De gezamenlijke provincies (verenigd in het Interprovinciaal Overleg, IPO) hebben het initiatief genomen om de uiteenlopende initiatieven op dit terrein meer te stroomlijnen middels
    een monitoringssyteem. Op dit moment worden namelijk verschillende definities en criteria gehanteerd voor duurzame bedrijventerreinen. Ook de initiatieven om te komen tot het meten van prestaties verschillen.

    Auteurs:
    Essen, H.P. van, I. de Keizer, K.J. Noorman en G. Wiersma

    Jaar van uitgave:
    2004


    Website: IPO - Monitor duurzame bedrijventerreinen (PDF)
     
    IPO Stikstofmeetlat in de praktijk: resultaten van een verkennende studie
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    De milieuproblematiek in Nederland wordt voor een belangrijk deel bepaald door de stikstofbelasting,  Afkomstig van de landbouw, verkeer en industrie. Hierbij gaat het om de omzetting van onschadelijk stikstof in een reactieve vorm (gereduceerd of geoxideerd), waarna het in het milieu kan leiden tot schadelijke effecten. Een nadere beschouwing van de stikstofproblematiek toont aan dat er een groot verschil is tussen het terugdringen van de emissie van reactief stikstof naar het milieu en het terugdringen van de totaal hoeveelheid geproduceerde reactief stikstof. Maatregelen die alleen zijn gericht op het terugdringen van de emissie zien de kern van het probleem over het hoofd. De overmaat aan reactief stikstof in Nederland zou uitgangspunt voor het beleid moeten zijn.

    Jaar van uitgave:
    2003


    Website: IPO Stikstofmeetlat in de praktijk (PDF)
     
    IPO-rapportage vergunningverlening en handhaving 2005
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    De monitoring en rapportage over de uitvoering van de vergunningverlening en handhaving van de Wet milieubeheer door de provincies is deels een wettelijk verplichte monitoring, deels gaat het ook om gegevens op basis van EU-regelgeving en uiteraard zijn het monitoringsgegevens die de provincies zelf van belang vinden.

    De rapportage beschrijft de uitvoering van de vergunningverlening en de handhaving van de Wet milieubeheer, en meer in het bijzonder de uitvoering bij inrichtingen waarvoor de provincie het bevoegd gezag is. Aan de hand van een aantal afgesproken indicatoren wordt melding gemaakt van de provinciale uitvoering. Van de indicatoren wordt een landelijk beeld gegeven, op sommige aspecten worden de provincies in de rapportage ook met elkaar vergeleken. Ten opzichte van de rapportage van voorgaande jaren zijn nauwelijks wijzigingen aangebracht. De zevende, achtste en negende rapportage laten zich dan ook goed vergelijken.

    Door de lange tijd waarin - en zeker met betrekking tot de hoofdtaken - eenzelfde format wordt gebruikt om gegevens aan te leveren door de provincies, is de rapportage een longitudinaal instrument geworden waaruit trends en ontwikkelingen in de provinciale uitvoering van de Wm zichtbaar worden.

    Auteur:
    Rings, A.F. en A.D. Klein

    Rapportnummer:
    P-05-03-008

    Jaar van uitgave:
    2005


    Website: IPO-rapportage vergunningverlening en handhaving 2005 (PDF)
     
    IPO-rapportage vergunningverlening en handhaving 2008
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    De elfde interprovinciale rapportage vergunningverlening en handhaving beschrijft de uitvoering van de Wet milieubeheer bij inrichtingen waarvoor de provincie het bevoegd gezag is. Aan de hand van een aantal indicatoren wordt de provinciale uitvoering in beeld gebracht en wordt het landelijk beeld van de gezamenlijke provincies gegeven. Op sommige aspecten worden de provincies in de rapportage ook met elkaar vergeleken.

    Auteur:
    KplusV organisatie-advies

    Rapportnummer:
    P-06-21-004\lri\bdi

    Jaar van uitgave:
    2008


    Website: IPO-rapportage vergunning en handhaving 2008 (PDF)
     
    IPO-rapportage vergunningverlening en handhaving 2009
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    Dit is de twaalfde Interprovinciale Rapportage vergunningverlening en handhaving. Het is een rapportage over de uitvoering door de provincie op deze Wm-beleidstaken en de resultaten die daarmee zijn behaald in het jaar 2007. De monitoring en rapportage over de uitvoering van de vergunningverlening en handhaving van de Wet milieubeheer door de provincie is deels een wettelijk verplichte monitoring, deels gaat het ook om gegevens op basis van EU-regelgeving en uiteraard zijn het monitoringsgegevens die de provincies zelf van belang vinden.

    Auteur:
    KplusV organisatieadvies

    Jaar van uitgave:
    2009


    Website: IPO-rapportage vergunningverlening en handhaving 2009 (PDF)
     
    Jaarverslag monitoring bodemsanering over 2004
     

    PRISMA rapport

    Volledige titel:
    Jaarverslag monitoring bodemsanering over 2004. Een rapportage van de bevoegde overheden bodemsanering.

    Samenvatting:
    Met dit jaarverslag informeren de bevoegde overheden in het kader van de Wet bodembescherming hun bestuur en de minister van I&M over de voortgang van de bodemsaneringsoperatie in 2004.

    Het jaarverslag is een product van RIVM, het ministerie van I&M, IPO, LIB en VNG.

    Jaar van uitgave:
    2005 


    Website: Jaarverslag monitoring bodemsanering over 2004 (PDF)
     
    Jaarverslag monitoring bodemsanering over 2005
     

    PRISMA rapport

    Volledige titel:
    Jaarverslag monitoring bodemsanering over 2005. Een rapportage van de bevoegde overheden bodemsanering.

    Samenvatting:
    Met dit jaarverslag informeren de bevoegde overheden in het kader van de Wet bodembescherming hun bestuur en de minister van VROM over de voortgang van de bodemsaneringsoperatie in 2005.

    Het jaarverslag is een product van RIVM, het ministerie van VROM, IPO, LIB en VNG.

    Jaar van uitgave:
    2006


    Website: Jaarverslag monitoring bodemsanering over 2005 (PDF)
     
    Jaarverslag monitoring bodemsanering over 2006
     

    PRISMA rapport

    Volledige titel:
    Jaarverslag monitoring bodemsanering over 2006. Een rapportage van de bevoegde overheden bodemsanering.

    Samenvatting:
    Met dit jaarverslag informeren de bevoegde overheden in het kader van de Wet bodembescherming hun bestuur en de minister van I&M over de voortgang van de bodemsaneringsoperatie in 2006.

    Het jaarverslag is een product van RIVM, het ministerie van I&M, IPO, LIB en VNG.

    Jaar van uitgave:
    2007


    Website: Jaarverslag monitoring bodemsanering over 2006 (PDF)
     
    Klimaateffectatlas. Inspelen op klimaatverandering
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    Klimaatverandering daagt uit tot maatregelen die de nadelen ervan tegengaan en die ervoor zorgen dat er wordt geprofiteerd van de positieve gevolgen. Om deze maatregelen goed te kunnen onderbouwen, zijn de effecten van klimaatverandering in Nederland in kaart gebracht. Er wordt ondere andere ingegaan op de effecten van klimaatverandering op natuur, ruimtelijke ordening, water en landbouw.

    Auteurs:
    Interprovinciaal Overleg en een consortium van kennisinstellingen

    Jaar van uitgave:
    2009


    Website: Klimaateffectatlas 2009 (PDF)
     
    Kosten realisatie milieu- en watercondities EHS en VHR eindrapport
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    Dit rapport schetst op landelijk niveau een beeld van de kosten van de operationele doelstelling 'realisatie EHS en VHR, inclusief watercondities'. De totale gebiedsgerichte kosten voor het realiseren van de gewenste milieucondities in de EHS worden geschat op 4,3 miljard euro. Er is nog geen zicht op de kosten van het aanpakken van de vermestingsproblematiek in oppervlaktewateren.

    Auteur:
    Stuurgroep Milieutekorten, bestaande uit IPO, VROM, V&W, LNV en UVW

    Jaar van uitgave:
    2007


    Website: Kosten realisatie milieu- en watercondities EHS en VHR eindrapport (PDF)
     
    KwaliTijd fase 1
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    Sinds de jaren ‘90 zijn provincies begonnen met het opzetten van thematische meetnetten, waaronder bodem- en of grondwaterkwaliteitsmeetnetten. Door periodieke meetronden uit te voeren, worden meetnetgegevens verzameld waarmee temporale en ruimtelijke veranderingen in de bodem- en grondwaterkwaliteit, die het gevolg zijn van diffuse verontreiniging, te monitoren zijn.

    Om met een trendanalyse betrouwbare conclusies te kunnen trekken over de toestand van de bodem en het grondwater, moeten de meetnetgegevens aan kwaliteitseisen voldoen. Echter, gebleken is dat de kwaliteit van meetnetgegevens soms te wensen overlaat. Zo ontbreekt in veel gevallen de meta- informatie, nodig voor een betrouwbare verificatie en interpretatie van de meetnetgegevens, en worden kwaliteitscontroles niet systematisch uitgevoerd. Daarnaast en mede als gevolg van het verschil in kwaliteit, zijn meetnetgegevens provinciebreed niet of slechts met veel inspanning vergelijkbaar en uitwisselbaar.

    Jaar van uitgave:
    2005

    Voor de hoofdtekst zie onderstaande link. Klik hier voor de bijlage.


    Website: KwaliTijd fase 1 (PDF)
     
    Licht op duisternis. Provinciale Inventarisatie donkerte
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    Doel van deze inventarisatie is om een beeld te krijgen van wat er bij de twaalf provincies speelt op het gebied van donkertebescherming en lichtvervuiling. Het gaat dan om onder andere doelstellingen, beschikbare instrumenten,  betrokken beleidsterreinen- en afdelingen en er wordt gezocht naar inspirerende voorbeelden zodat provincies van elkaar kunnen leren. Tevens wil men zicht krijgen op de vragen die er leven bij de provincies inzake lichtvervuiling en donkertebescherming. De resultaten van deze inventarisatie zij ook gebruikt als input bij de totstandkoming van het 'Handboek licht/donker' uit 2010.

    Auteurs:
    De Kok / de Kok & partners

    Jaar van uitgave:
    2009


    Website: Licht op duisternis. Provinciale Inventarisatie donkerte (PDF)
     
    Maatregelen en instrumenten voor de bodem in prioritaire gebieden
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    Rapport over maatregelen die binnen maar vooral ook buiten het bodembeleidsveld genomen kunnen worden in de transitie naar een duurzaam bodembeheer.

    Auteurs:
    Westerhof, R., M. Luitwieler en C. van den Brink

    Rapportnummer:
    IPO 9VO371

    Jaar van uitgave:
    Augustus 2010


    Website: Maatregelen en instrumenten voor de bodem in prioritaire gebieden (PDF)
     
    Maatschappelijke kosten-baten analyse waterbodems
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    In opdracht van de Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat hebben de gezamenlijke overheden in het kader van het Tienjarenscenario Waterbodems (TJS) begin 2002 geïnventariseerd hoe groot de baggeropgave in Nederland is en is geconcludeerd dat er een baggerachterstand is. Daarnaast zijn de kosten ingeschat van het wegwerken van de achterstand en het saneren van verontreinigde baggerlocaties. Naar aanleiding van het Bestuurlijk advies en het Basisdocument TJS heeft het kabinet in 2002 het onderstaande standpunt geformuleerd over de benodigde intensivering van de baggeropgave.

    Auteur:
    Advies en Kenniscentrum Waterbodems (AKWA)

    Rapportnummer:
    AKWA 04.010

    Jaar van uitgave:
    2004


    Website: Maatschappelijke kosten-baten analyse waterbodems (PDF)
     
    Measures and instruments for soil threats in priority areas
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    Dit is een Engelstalige samenvatting van het Nederlandstalige rapport 'Maatregelen en instrumenten voor de bodem in prioritaire gebieden'. Het draait om maatregelen die binnen maar vooral ook buiten het bodembeleidsveld genomen kunnen worden in de transitie naar een duurzaam bodembeheer.

    Auteurs:
    Interprovinciaal Overleg en Royal Haskoning

    Rapportnummer:
    9V0371

    Jaar van uitgave:
    2010


    Website: Measures and instruments for soil threaths in priority areas (PDF)
     
    Milieu in ruimtelijke plannen: gemeente
     

    PRISMA rapport

    Volledige titel:
    Milieu in ruimtelijke plannen: gemeente. Juridische mogelijkheden onder de Wet Ruimtelijke Ordening

    Samenvatting:
    Kwaliteit is belangrijk bij de vormgeving van onze omgeving. De ruimte is schaars, en de investeringen daarin dienen toekomstwaarde te hebben. De ruimtelijke behoeften van wonen, werken, recreëren, mobiliteit, water en natuur verdienen een samenhangende benadering. De overheid moet in de ruimtelijke besluitvorming nota nemen van de ruimtelijke draagkracht, de gevolgen voor het leefmilieu en economische, culturele en sociale gevolgen. Het Rijk wil een ruimtelijk beleid dat niet alleen ordent, maar ook richting geeft aan de ruimtelijke dynamiek van ons land. Duurzame ruimtelijke ontwikkelingen moeten daarmee worden bevorderd. De Wet ruimtelijke ordening kiest daarom voor plannen en besluiten op het bestuurlijk niveau dat het dichtst bij mensen en hun leefomgeving staat.

    Auteurs:
    Rothengatter, R. en R. Mathijsen

    Jaar van uitgave:
    2008


    Website: Milieu in ruimtelijke plannen: gemeente (PDF)
     
    Milieu in ruimtelijke plannen: provincie
     

    PRISMA rapport

    Volledige titel: Milieu in ruimtelijke plannen: provincie. Juridische mogelijkheden onder de Wet Ruimtelijke Ordening

    Samenvatting:
    Kwaliteit is belangrijk bij de vormgeving van onze omgeving. De ruimte is schaars, en de investeringen daarin dienen toekomstwaarde te hebben. De ruimtelijke behoeften van wonen, werken, recreëren, mobiliteit, water en natuur verdienen een samenhangende benadering. De overheid moet in de ruimtelijke besluitvorming nota nemen van de ruimtelijke draagkracht, de gevolgen voor het leefmilieu en economische, culturele en sociale gevolgen. Het Rijk wil een ruimtelijk beleid dat niet alleen ordent, maar ook richting geeft aan de ruimtelijke dynamiek van ons land. Duurzame ruimtelijke ontwikkelingen moeten daarmee worden bevorderd. De Wet ruimtelijke ordening kiest daarom voor plannen en besluiten op het bestuurlijk niveau dat het dichtst bij mensen en hun leefomgeving staat.

    Auteurs:
    Rothengatter, R. en R. Mathijsen

    Jaar van uitgave:
    2008


    Website: Milieu in ruimtelijke plannen: provincie (PDF)
     
    Monitoring Uitvoeringscontract gebiedsgerichte inrichting landelijk gebied
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    In het overleg tussen rijk en provincies is afgesproken dat de provincies in 2003 een rapportage zullen verzorgen over de voortgang m.b.t. het Uitvoeringscontract Gebiedsgerichte Inrichting Landelijk Gebied.  Hierbij is tevens vastgelegd dat, primair op basis van landelijke gegevens en gericht op de nulsituatie, daarin ook een toestandsbeschrijving wordt opgenomen, met als peiljaar 2001.
    In dit bijlagerapport wordt hieraan uitvoering gegeven. Hierbij is uitgegaan van de effectindicatoren als vastgelegd door de IPO-projectgroep Monitoring Uitvoeringscontract.

    Auteurs:
    de Niet, R. en W. van Duijvenbooden

    Jaar van uitgave:
    2003

    Voor het rapport zie onderstaande link. Voor de bijlage klik hier.


    Website: Monitoring Uitvoeringscontract gebiedsgerichte inrichting landelijk gebied (PDF)
     
    Naar een effectieve Monitoring: milieu, natuur en water
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    In opdracht van de Stuurgroep Monitoring Milieu-Natuur-Water is een inventarisatie uitgevoerd naar de Nederlandse monitoring- en rapportageverplichtingen en -inspanningen voor milieu, natuur en water vanuit internationale, Europese, nationale en interprovinciale regelgeving. Hierbij is bezien in hoeverre er meer of minder wordt gemonitord dan volgt uit de regelgeving. Tenslotte is bezien welke acties nodig zijn om te komen tot een meer efficiënte en effectieve wijze van gegevensverzameling. Deze inventarisatie geeft voor het eerst een globaal beeld van de omvang van de monitoringen rapportageverplichtingen. Veel suggesties en aanbevelingen zijn gedaan voor verbetering van de kwaliteit en efficiency van de monitoring, waar de komende tijd een vervolg aan gegeven moet worden. De Stuurgroep Monitoring Milieu-Natuur-Water gaat dit vervolg organiseren.

    Auteur:
    R. Albers

    Jaar van uitgave:
    2006

    Download (PDF):
    Hoofdrapport
    Achtergronddocument milieu
    Bijlagenrapport


     
    Neerslagcorrectiemethode voor provinciale nitraatgegevens
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    Onderzoek naar de mogelijkheid om de correctiemethode van het RIVM aan te passen voor de provinciale meetnetten (RIVM en Iwaco).

    Nitraatconcentraties in bodemvocht en grondwater afkomstig uit 8 provinciale meetnetten zijn verzameld. Gemiddeld zijn er per provincie van vier jaar meetgegevens beschikbaar. Onderzocht is of de neerslagcorrectiemethode, die door het RIVM wordt gebruikt, aangepast kan worden voor de provinciale gegevens. De methode is bruikbaar als hiermee jaarlijkse variaties in gemeten nitraatconcentraties voornamelijk toegeschreven kunnen worden aan natuurlijke omstandigheden.

    Auteurs:
    Hendriks, B. en L.J.M Boumans

    Jaar van uitgave:
    2002


    Website: Neerslagcorrectiemethode voor provinciale nitraatgegevens (PDF)
     
    Onderzoek naar de kosten van de handhaving van de emissieplafonds voor provinciale wegen
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    Deze rapportage geeft een beschrijving van het onderzoek naar de handhavingkosten van emissieplafonds (geluidsplafonds) langs provinciale wegen in Nederland. Het instellen van geluidsplafonds is een direct gevolg van de voorgenomen wijziging van de Wet geluidhinder (Modernisering Instrumentarium Geluidsbeleid, MIG). Inmiddels is deze wijziging van de wet anderszins actueel vanwege politieke ontwikkelingen in 2002 en 2003. Het onderhavige onderzoek is in 2001 gestart en kan zeker een handvat bieden voor de provincies om de voor hun rekening komende kosten bij toekomstige wetsaanpassingen gefundeerd in te schatten. Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van het Inter Provinciaal Overleg (IPO), werkgroep Geluid. Het ministerie van VROM heeft dit onderzoek gefinancierd.

    Auteurs:
    Witte, J. en E.A. Vermaas

    Rapportnummer:
    L.2000.1379A

    Jaar van uitgave:
    2006


    Website: Onderzoek naar de kosten van de handhaving van de emissieplafonds voor provinciale wegen (PDF)
     
    Op weg met aardgas en biobrandstof. Verbetering luchtkwaliteit door alternatieve transportbrandstoffen
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    De druk om de luchtkwaliteit te verbeteren, klimaatverandering tegen te gaan en afhankelijkheid van olie te beperken wordt snel groter. Door verschillende partijen bij overheid, auto-industrie en energieleveranciers, maar ook door verschillende landen wordt daarom ingezet op alternatieve transportbrandstoffen. Aardgas, biogas en (vloeibare) biobrandstoffen spelen daarbij op dit moment de hoofdrol.

    Provinciale en gemeentelijke spelers kunnen vaak door gebrek aan informatie niet beargumenteerd kiezen tussen de verschillende mogelijkheden. Daarbij komt dat het veld van alternatieve transportbrandstoffen dusdanig snel in beweging is, dat een volledig uitgekristalliseerd toekomstbeeld nog niet te geven is. Gevolg is dat een versnippering aan oplossingen optreedt waardoor onvoldoende schaalgrootte wordt bereikt om het kip-ei probleem, “geen aanbod dus geen vraag en geen vraag dus geen aanbod”, te doorbreken. Vandaar de vraag van Interprovinciaal Overleg (IPO) of het niet mogelijk is om een set “no regret-maatregelen” te identificeren, die voor ieder of een zo groot mogelijk aantal van de opties zinvol zijn. Zodat de kansen maximaal worden benut en er later geen ontwikkelingen worden vertraagd of investeringen verloren gaan.

    Dit boekje wil daarom de meest actuele achtergronden, toekomstvisies, overwegingen en ervaringen geven, zodat medewerkers bij provincies en gemeenten beter keuzes kunnen maken. De inhoud van dit boekje is tot stand gekomen op basis van bestaande literatuur en een uitgebreide serie gesprekken met mensen in het veld. Zowel aan de kant van de leveranciers (brandstoffen, auto-industrie en toeleveranciers) als bij provincies en gemeenten. Door de beperkte omvang is het onmogelijk alle informatie weer te geven. Dit boekje tracht “de rode draad” te schetsen.

    Auteurs:
    Hemmes, K., L. van der Ham-Hulten, P. Tanja en H. Wijnants (DHV)

    Jaar van uitgave:
    2007


    Website: Op weg met aardgas en biobrandstof. Verbetering luchtkwaliteit door alternatieve transportbrandstoffen (PDF)
     
    Op weg naar een bruikbare dosis effect relatie voor geur
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    De werkwijze voor het bepalen van dosis effect relaties voor geur moet worden aangepast, doorontwikkeld en vooral vergaand gestandaardiseerd, om het in lokale situaties bepalen van het acceptabele hinderniveau optimaal te faciliteren.

    Dat is de voornaamste conclusie van het onderzoek dat in opdracht van het Interprovinciaal Overleg (IPO) door OpdenKamp adviesgroep, Fastadvies en de Universiteit Utrecht is uitgevoerd. Deze conclusie wordt gedeeld door de begeleidingscommissie die uit vertegenwoordigers van de meest betrokken overheden, het bedrijfsleven, adviesbureau’s en kennisinstituten bestond. Met deze conclusie wordt niet aan de oorspronkelijke verwachting van het IPO tegemoet gekomen. Dit was al bij de start van het project onderkend en daarom verwerkt in de opzet van het onderzoek. Het is nog te vroeg om goede, eenduidige dosis effect relaties op te stellen en beschikbaar te krijgen voor de uitvoeringspraktijk.

    Auteurs:
    Van Belois, H., E. Dönszelmann, T. Fast en M. Smeets (OpDenKamp Adviesgroep)

    Rapportnummer:
    IP-DER-06-39

    Jaar van uitgave:
    2006


    Website: Op weg naar een bruikbare dosis effect relatie voor geur (PDF)
     
    Oplossingsrichtingen nazorg bodemsanering
     

    PRISMA rapport

    Volledige titel:
    Oplossingsrichtingen nazorg bodemsanering. "Hoe om te gaan met nazorg bij bodemsaneringsprojecten"

    Samenvatting:
    Het doel van deze rapportage is het geven van mogelijke oplossingsrichtingen om de nazorg bij bodemsaneringen optimaal te borgen. De doelgroep bestaat primair uit de medewerkers van provincies. De rapportage is vanuit dezelfde bevoegde gezagtaken ook te gebruiken voor gemeenten. Op veel plaatsen waar sprake is van ‘provincie’ kan ook ‘gemeente’ worden gelezen. De rapportage is ook bruikbaar voor andere belanghebbenden.

    Auteurs:
    Heijer, R.P., J.P. de Poorter, M.A.W. Koning en M.M.J.B.E. Peeman

    Rapportnummer:
    13/99048678/RH

    Jaar van uitgave:
    2005


    Website: Oplossingsrichtingen nazorg bodemsanering (PDF)
     
    Optimalisatie Ecologische Hoofdstructuur
     

    PRISMA rapport

    Volledige titel:
    Optimalisatie Ecologische Hoofdstructuur. Ruimte, milieu en watercondities voor duurzaam behoud van biodiversiteit

    Samenvatting:
    Op verzoek van de ministeries van VROM en LNV heeft het Milieu- en Natuurplanbureau (MNP) onderzocht wat de knelpunten zijn op het gebied van ruimte, milieu en water voor een duurzaam behoud van biodiversiteit en in welke richting naar optimalisatie kan worden gezocht.

    Auteurs:
    Lammers, G.W., A. van Hinsberg, W. Loonen, M.J.S.M. Reijnen en M.E. Sanders

    Rapportnummer:
    Milieu- en Natuurplanbureau rapport nr. 408768003

    Jaar van uitgave:
    2005


    Website: Optimalisatie Ecologische Hoofdstructuur (PDF)
     
    Opzet interprovinciale indicatorenset voor Milieu, Water, Landbouw en Natuur
     

    PRISMA rapport

    Volledige titel:
    Opzet interprovinciale indicatorenset voor Milieu, Water, Landbouw en Natuur: resultaten van het project ontwikkeling en actualisering interprovinciale indicatorenset.

    Samenvatting:
    In 1997 is gestart met de samenstelling van een interprovinciale monitoringrapportage op het gebied van het milieubeleid en dit is jaarlijks herhaald. Het werkproces en de inhoud van de rapportages is sindsdien stapsgewijs verbeterd. De ICM (Interprovinciale Commissie Monitoring) heeft dit jaar een visie op monitoring en evaluatie ontwikkeld om daarmee een meer gestuurde en planmatige ontwikkeling in de interprovinciale monitoring en evaluatie te kunnen realiseren. Deze visie is medio dit jaar goedgekeurd door de brede overleg- en adviesgroep MWNL.

    Auteurs:
    Van Grunsven Latour

    Jaar van uitgave:
    2002 


    Website: Opzet interprovinciale indicatorenset voor Milieu, Water, Landbouw en Natuur (PDF)
     
    Overzicht borgingsmogelijkheden voor milieu in ruimtelijke planvorming
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    Kwaliteit is belangrijk bij de vormgeving van onze omgeving. Veelvuldig wordt de vraag gesteld hoe een duurzame of milieukwaliteit kan worden geborgd in de ruimtelijke planvorming. Deze brochure geeft aan op welke manier milieumaatregelen kunnen worden verankerd met behulp van ruimtelijke instrumenten. De brochure is een bijlage van de publicaties ‘Milieu in ruimtelijke plannen’ voor de gemeente en voor de provincie. Daarin staan de ruimtelijke instrumenten in de context van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) / Besluit ruimtelijke ordening (Bro) centraal. Deze brochure stelt de milieuthema’s centraal en is een update van de VROM-publicatie ‘Duurzame stedenbouw in bestemmingsplannen’ uit 1999. Voor de lijst van duurzame maatregelen is gebruik gemaakt van ‘Bouwstenen voor een duurzame stedenbouw’ van VNG, SEV en Novem uit 1996, ‘Nationaal pakket duurzame stedenbouw’ uit 1999 van het Nationaal Dubo Centrum en ervaring uit de praktijk.

    Auteurs:
    Rothengatter, R. en R. Mathijsen

    Jaar van uitgave:
    2008


    Website: Overzicht borgingsmogelijkheden voor milieu in ruimtelijke planvorming (PDF)
     
    Procesevaluatie provinciale EU-geluidsbelastingskaarten en actieplannen
     

    Samenvatting:
    Alle provincies hebben in het kader van de EU-richtlijn Omgevingslawaai een geluidbelastingskaart gemaakt en op basis hiervan een actieplan opgesteld waarin maatregelen worden omschreven om de geconstateerde knelpunten op te lossen. In deze studie is een evaluatie opgesteld naar het totstandkomen van de geluidskaarten en actieplannen. Op basis van de evaluatie zijn conclusies en aanbevelingen gedaan waarmee het opstellen en/of actualiseren van deze producten kan worden vereenvoudigd en/of verbeterd ten behoeve van de 2e tranche.

    Rapportnummer:
    IPO004/Plm/0087

    Jaar van uitgave:
    2009


    Website: Procesevaluatie provinciale EU-geluidsbelastingskaarten en actieplannen (PDF)
     
    Provincies en gebiedsontwikkeling binnen een veranderend stelsel van omgevingsrecht
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    De huidige ontwikkelingen in het omgevingsrecht en de voortdurende discussie over de rol van de provincie waren voor het IPO aanleiding om zich te beraden op de toekomstige gewenste rol van de provincies in het omgevingsrecht. Wat zijn de mogelijke en gewenste rollen en posities van provincies binnen het veranderend stelsel van omgevingsrecht? En hoe die rollen en posities te krijgen?

    Auteurs:
    Papa, O., D. Hanemaayer en M. Verboven

    Jaar van uitgave:
    2010


    Website: Provincies en gebiedsontwikkeling binnen een veranderend stelsel van omgevingsrecht (PDF)
     
    Quick-scan risico's van bestrijdingsmiddelen in grondwaterbeschermingsgebieden
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    Bestrijdingsmiddelen in het grondwater staan volop in de belangstelling. In de afgelopen jaren is het generieke beleid aangepast, zijn meer metingen beschikbaar gekomen en wordt nagedacht over extra te nemen maatregelen voor de Europese Kaderrichtlijn Water. Dit was aanleiding voor het Interprovinciaal Overleg (IPO) om het project ‘Inventarisatie problematiek van bestrijdingsmiddelen in Nederlandse grondwaterbeschermingsgebieden’ op te nemen in het Programma IPO Strategische Milieu Agenda (PRISMA) 2006. Onderdeel van dit project is een quick-scan naar de risico’s van uitspoeling van bestrijdingsmiddelen in grondwaterbeschermingsgebieden. In het voorliggende rapport heeft Royal Haskoning in opdracht van IPO deze quick-scan uitgewerkt. Dit rapport moet de provincies ondersteunen bij het uitwerken van hun beschermingsbeleid ten aanzien van bestrijdingsmiddelen.

    Auteurs:
    Arts, M.P.T., A. Krikken, F.Th. Verhagen en A.J. Otte

    Rapportnummer:
    9S0497.A0

    Jaar van uitgave:
    2006

    Download (PDF):
    Rapport
    Bijlage 1a
    Bijlage 1b


     
    Rapportage Milieu Monitor Vergunningverlening, toezicht en handhaving (VHT)-taken
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    De dertiende Interprovinciale Rapportage vergunningverlening, toezicht en handhaving beschrijft de uitvoering van de vergunningverlening en handhaving van de Wet milieubeheer bij inrichtingen waarvoor de provincie het bevoegd gezag is. Aan de hand van een aantal indicatoren wordt de provinciale uitvoering in beeld gebracht en wordt het landelijk beeld van de gezamenlijke provincies gegeven. Op sommige aspecten worden de provincies in de rapportage ook met elkaar vergeleken.

    Auteur:
    KplusV organisatie-advies

    Rapportnummer:
    1010897-013/bko/pti

    Jaar van uitgave:
    2010


    Website: Rapportage Milieu Monitor Vergunningverlening, toezicht en handhaving (VHT)-taken (PDF)
     
    Ruimte voor biologische landbouw
     

    PRISMA rapport

    Volledige titel:
    Ruimte voor biologische landbouw. Onderzoek naar stimulerende beleidsinstrumenten in r.o.

    Samenvatting:
    Doel van voorliggend onderzoek is na te gaan welke positief werkende instrumenten er zijn om biologische landbouw te stimuleren, met nadruk op de ruimtelijke ordening (in brede zin). Negatief werkende instrumenten en knelpunten in regelgeving komen slechts zijdelings aan bod.

    Auteurs:
    Wieringa H. en M. van Boxtel

    Jaar van uitgave:
    2004


    Website: Ruimte voor biologische landbouw (PDF)
     
    Uitvoering Besluit Risico's Zware Ongevallen '99 (BRZO '99) voor provinciale inrichtingen - 2001
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    Tijdens het bestuurlijk overleg op 29 mei 2001 tussen vertegenwoordigers van de ministeries van VROM, BZK en SZW en vertegenwoordigers van IPO en VNG over de uitvoering van het BRZO’99 is afgesproken dat zowel de provincies als de gemeenten in een rapportage de voortgang van de uitvoering van het BRZO’99 per eind december 2001 in beeld brengen. De nu voorliggende rapportage betreft de uitvoering van het BRZO’99 voor inrichtingen waar provincies het coördinerend bevoegd gezag zijn. De focus ligt daarbij op VR-2001 bedrijven (bedrijven die per 3 februari 2001 een veiligheidsrapport moesten aanleveren) en in de tweede plaats op de zgn. PBZO-bedrijven.

    Auteur:
    IPO

    Jaar van uitgave:
    2001


    Website: Uitvoering Besluit Risico's Zware Ongevallen '99 (BRZO '99) voor provinciale inrichtingen - 2001 (PDF)
     
    Uitvoering Besluit Risico's Zware Ongevallen '99 (BRZO '99) voor provinciale inrichtingen - 2002
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    Het doel van deze rapportage is het informeren van de provinciale bestuurders en andere betrokkenen over de voortgang van de uitvoering van het BRZO’99. De rapportage sluit aan op de rapportage over 2001. De rapportage is tot stand gekomen op basis van afspraken in het landelijke overleg van BRZO-coördinatoren waaraan vertegenwoordigers van de provinciale milieudiensten, de Arbeidsinspectie en de kernregio’s van de Brandweer deelnemen. De kwantitatieve gegevens zijn gebaseerd op opgaven van de vertegenwoordigers van de provinciale milieudiensten. De voortgang is uiteraard de resultante van de gezamenlijke inspanningen van medewerkers van brandweer, Arbeidsinspectie en provinciale milieudiensten.

    Auteur:
    IPO

    Jaar van uitgave:
    2002


    Website: Uitvoering Besluit Risico's Zware Ongevallen '99 (BRZO '99) voor provinciale inrichtingen - 2002 (PDF)
     
    Uitwerking en actualisering duurzame energie ambities Klimaat- en Energieakkoord
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    In het Klimaat– en Energieakkoord tussen het Rijk en de Provincies 2009-2011 zijn de doelstellingen en streefcijfers voor klimaatverbetering vastgelegd. In dit rapport zijn de duurzame energie ambities van de provincies, zoals deze in een matrix in dit akkoord zijn opgenomen, nader geactualiseerd en uitgewerkt. Een doel hiervan is om de provincies een beter inzicht te geven in de beleidsmatige consequenties van de duurzame energie doelstellingen voor het eigen grondgebied.

    Het rapport bevat tevens concrete aanbevelingen voor zowel de provincies als het Rijk om de voorgenomen ambities te realiseren. Een lange-termijn visie met een meer programmatische aanpak is wenselijk om de ontwikkeling van duurzame energie op het ten doel gestelde niveau te brengen en om ervoor te zorgen dat het ook in de toekomst voldoende politiek-bestuurlijke prioriteit houdt.

    Auteurs:
    Interprovinciaal Overleg (IPO) en Ecofys 

    Rapportnummer:
    IPO-publicatienummer 288

    Jaar van uitgave:
    2010


    Website: Uitwerking en actualisering duurzame energie ambities Klimaat- en Energieakkoord (PDF)
     
    Van biologentaal naar business language
     

    PRISMA rapport

    Volledige titel:
    ‘Van biologentaal naar business language‘. Kansenverkenner voor biodiversiteit en bedrijven in de levensmiddelenverwerkende industrie en de recreatieve sector.

    Samenvatting:
    Deze rapportage is een weergave van het PRISMA project ‘Van biologentaal naar business language’. In dit project is een conceptueel kader uitgewerkt voor het verkennen van kansen voor bedrijfsleven en biodiversiteit. Het conceptuele kader is aangevuld met praktijkvoorbeelden uit het bedrijfsleven en een stappenplan voor bedrijven om met dit onderwerp aan de slag te gaan.

    In samenhang met deze rapportage is het document ‘Biodiversiteit en bedrijventerreinen’, een checklist voor biodiversiteit op bedrijventerreinen (2009) uitgebracht. Deze checklist bevat praktische en concrete tips om biodiversiteit op bedrijventerreinen een impuls te geven.

    Beide documenten vormen samen een concrete tool voor provincies en gemeenten om een stimulerende rol naar het bedrijfs

    Auteur:
    Frederiek van Lienen (Good Company)

    Jaar van uitgave:
    2009


    Website: Van biologentaal naar business language (PDF)
     
    Visiedocument Stiltegebieden: een luisterend oor voor de stilte
     

     PRISMA rapport

    Samenvatting: 
    Nederland kent tientallen stiltegebieden, aangewezen door de provincies. Stiltegebieden zijn beschermingsgebieden waarin natuurlijke geluiden overheersen. Het woord ‘stilte’ betekent niet dat er helemaal geen geluid in het gebied waarneembaar is, maar staat voor de afwezigheid van storende, voor de omgeving vreemde geluiden. Stiltegebieden zijn van belang voor de rustzoekende recreant en de flora en fauna. Activiteiten die de geluidsbelasting negatief beïnvloeden, zijn niet mogelijk in het gebied dat als stiltegebied is aangewezen. Gebiedseigen geluiden, zoals die van de landbouw, zijn hiervan uitgesloten. Stiltegebieden vinden we op unieke plekken in ons landschap. Plekken die vaak in de knel zitten. De druk op de ruimte is groot. Veel verschillende functies vechten om een plek. Maar wie verheft zijn stem voor de stilte? Misschien meer dan ooit is het nodig dat we stilte in ons roerige bestaan een plek geven. Stilte en rust zijn schaars geworden. Als we niet uitkijken, heeft de stilte straks nergens meer een plek. En dat zou onze leefkwaliteit enorm verslechteren.

    Betrokkenen moeten samen onderzoeken hoe zij de kwaliteit van stiltegebieden kunnen benutten en versterken. Met alleen een aanwijzing, een bord ervoor en wat beschermende maatregelen komen we er niet. Stilte krijgt pas waarde als mensen haar kunnen ervaren. Als zichtbaar en voelbaar wordt hoe stilte en rust bijdragen aan de kwaliteit van leven voor ieder die daar oog voor heeft.

     

    Dit document is bedoeld om perspectief te bieden aan provincies, gemeenten, terreinbeheerders en andere betrokkenen die het beleid rond de stiltegebieden willen versterken en concretiseren. Het richt zich in eerste instantie op de provincies. Juist zij spelen een sleutelrol in de ontwikkeling van de ruimte in ons land. Provincies hebben de kerntaak zich in te zetten voor ruimtelijke kwaliteit. Voor het beschermen, ontwikkelen en versterken van de bijzondere karakteristieken van gebieden in ons land, over functiegrenzen heen. Gebieden met vaak unieke kenmerken, die de dragers zijn van ons culturele erfgoed en tegelijkertijd letterlijk het fundament vormen waar onze toekomst op wordt gebouwd.

     

    Als voorvechters van ruimtelijke kwaliteit zetten de provincies zich ervoor in dat de ruimte meer is dan ‘een plek voor vele functies’, dat ruimte zelf ook kwaliteit vertegenwoordigt. Daarom maken provincies zich sterk voor variëteit en diversiteit, voor het landschap, voor ons erfgoed, voor schoonheid, voor openheid en tegen verrommeling. Daarom ook willen de provincies een bijdrage leveren aan het vergroten van de kansen voor stilte en rust. Dat is begonnen met het aanwijzen van de stiltegebieden. Maar er is meer nodig. Om stiltegebieden te beschermen én om te stimuleren dat ze gewaardeerd en beleefd kunnen worden door hun burgers, moeten concrete richtlijnen en kwaliteitseisen vastgelegd worden in provinciaal beleid. Die moeten worden doorvertaald naar verordeningen en handhaving.

     

    Echter, provinciaal beleid en regelgeving alleen zijn zeker niet voldoende. Om stiltegebieden succesvol te gebruiken en te ontwikkelen, om te zorgen dat burgers (en bedrijven) ter plekke deze gebieden maximaal kunnen beleven, is lokale actie nodig.

     

    Daarom nemen de provincies met dit document het initiatief om ook anderen te stimuleren na te denken over de kansen voor de stiltegebieden. Naast behoud is er ruimte voor ontwikkeling. Nieuwe instrumenten zijn daarvoor nodig. En nieuwe ideeën. Een nieuw verbond ook. Met lokale partijen die de kracht van de stilte kunnen ontdekken en benutten. De kracht voor wonen en werken. Voor recreëren. Voor natuur en milieu. Voor gezondheid ook, of voor bezinning en cultuur.

     

    Dit betekent dat beleid voor stiltegebieden altijd twee samenhangende sporen zal moeten kennen:

     

    1. Het spoor van behoud en bescherming. Stiltegebieden zijn vaak uniek en onvervangbaar. Dat vraagt om heldere spelregels. Gebieden die door de provincie als stiltegebied zijn aangewezen, moeten worden behouden en beschermd. Het is daarom van belang dat kwaliteitseisen, criteria en regels vanuit de provincie duidelijk zijn. En dat de handhaving ervan serieus wordt aangepakt. Dat vraagt per stiltegebied om een conserveringsplan.

     

    2. Het spoor van beleving en ontwikkeling. Een stiltegebied krijgt pas betekenis als de stilte echt kan worden beleefd. Dat legt op betrokkenen, provincie, gemeente, terreinbeheerders, gebruikers de verplichting samen

    na te denken over mogelijkheden hiertoe. En samen tot een ontwikkelingsplan op maat te komen.

     

    In dit document staat op samenhangende wijze beschreven, welke kansen en bedreigingen er zijn voor de stiltegebieden. En welke mogelijkheden provincies, samen met betrokkenen, hebben om die stiltegebieden een impuls te geven.

     

    Om tot dit document te komen is een uitgebreide analyse gedaan van de huidige praktijk. Ook heeft een groot aantal expertinterviews plaatsgevonden met vertegenwoordigers uit tal van sectoren die op de een of andere manier met stiltegebieden in aanraking komen. Het document is daarmee enerzijds een staalkaart van mogelijkheden geworden voor het werken aan stiltegebieden. Het stuk is daarom doorspekt met concrete voorbeelden uit de praktijk, met praktische verwijzingen. Anderzijds biedt het document een concreet handvat om in bestuurlijke zin aan de slag te gaan. Voor dit laatste doel bevat het document een Plan van Actie (Hoofdstuk 4).

     

    In stiltegebieden is veel mogelijk, ook binnen scherpe grenzen van bescherming en behoud. We roepen al diegenen die zich betrokken voelen bij de stiltegebieden in hun omgeving op, die mogelijkheden te onderzoeken en zich in te zetten voor het vergroten van de zo noodzakelijke ruimte voor de stilte.

      

    Auteurs:
    Vroemen, J.H.G.M., E. Schoute, M.E. de Winter, P.A.D. Hamersma, H.J. Feberwee, E. Halsema, J.S.P. Welten, T. Ottens, J.G.F. de Wijs, H. Willems, J.A.Verstegen, J. Elzinga en M.J. van Asten

    Jaar van uitgave:
    2011


    Website: Visiedocument Stiltegebieden
     
    Waterprestatie op locatie. Resultaten WPL pilot Julianadorp, Den Helder
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    De WaterPrestatie op Locatie (WPL) is een nieuw instrument: het kan worden ingezet als adviesinstrument voor de toets en als meetinstrument voor watergerelateerde duurzaamheidsaspecten.

    Auteurs:
    Baartmans, R., M. Smit en A. Weber

    Jaar van uitgave:
    2004


    Website: Waterprestatie op locatie. Resultaten WPL pilot Julianadorp, Den Helder (PDF)
     
    Waterprestatie op locatie. Resultaten WPL-pilot De Mars, Zutphen
     

    PRISMA rapport

    Samenvatting:
    De WaterPrestatie op Locatie (WPL) is een nieuw instrument: het kan worden ingezet als adviesinstrument voor de toets en als meetinstrument voor watergerelateerde duurzaamheidsaspecten.

    Auteurs:
    Baartmans, R., M. Smit en A. Weber

    Jaar van uitgave:
    2003




    Website: Waterprestatie op locatie. Resultaten WPL-pilot De Mars, Zutphen (PDF)
     
    Rekenmodel IPOLicht snelstartgids achtergrondinformatie
     

    PRISMA rapport

    Met het rekenmodel IPOLicht kunnen de effecten op hemelhelderheid en horizonvervuiling van ontwikkelingen of maatregelen kwantitatief worden bepaald. Dit instrument kan worden gebruikt bij ruimtelijke processen als gebiedsontwikkeling en -inrichting, ter ondersteuning van beleidskeuzes en bij vergunningverlening. De snelstartgids geeft informatie over het gebruik van de Rekenmodel IPOLicht software.

    Jaar van uitgave:
    2011

    Trefwoorden overig:
    Lichtvervuiling, donkertebescherming

    Download de snelstartgids van het Rekenmodel IPOLicht (PDF)

    Ga naar het Rekenmodel IPOLicht

    Achtergronddocumenten:


    Email:handboek.lichtdonker@provincie-utrecht.nl
     
    IPO Milieuwerk
     

    IPO Milieuwerk is een gedrukte uitgave met milieunieuws uit de provincies. De uitgave verschijnt viermaal per jaar.

    2011

    2010

    2009

    2008

    2007

    2006

    2005


    Websites (1)
     
    Monitoring Strategische Projecten
     

    De website Monitoring Strategische Projecten geeft een overzicht van (de voortgang van) de strategische milieuprojecten (PRISMA-projecten) van IPO. De site bevat in de huidige opzet alleen projecten op de gebieden milieu en water.

    Organisatie: IPO


    Website: Monitoring Strategische Projecten
    Email:pim.sauer@kpnplanet.nl
     

    Deskundigen

    Monitoring deskundigen (1)
     
    Busweiler, Annet
     

    Organisatie:
    Provincie Noord-Holland

    Functie/taken:

    • Projecttrekker IPO-PRISMA project 2010: ‘Realisatie van een efficiënte en effectieve monitoring 2010'. Het Monitoringportaal is onderdeel van dit project.
    • Beleidsmedewerker externe veiligheid (sector milieu)

    Post- en bezoekadres:
    Houtplein 33
    Postbus 3007
    2001 DA Haarlem

    Telefoon: 023 - 514 3661

     


    Website: Provincie Noord-Holland
    Email:busweilerg@noord-holland.nl
    Overige deskundigen (14)
     
    Klink, Joyce
     

    Organisatie:
    Interprovinciaal Overleg

    Functie/taken:

    • Contactpersoon voor Prisma

    Telefoon:  070 - 888 12 31


    Website: IPO
    Email:JKlink@ipo.nl
     
    Asten, Marian van
     

    Organisatie:
    Provincie Utrecht

    Functie/taken:

    • Projectrekker IPO-PRISMA project 2010: 'Rekenmodel lichtvervuiling en donkertebescherming'

    Telefoon: 030 - 258 22 91


    Website: Provincie Utrecht
    Email:marian.van.asten@provincie-utrecht.nl
     
    Betten, Karin
     

    Organisatie:
    Provincie Utrecht

    Functie/taken:

    • Projecttrekker IPO-PRISMA project 2010: 'Verbinding milieu met groene uitvoeringspraktijk'

    Telefoon: 030 - 258 38 10


    Website: Provincie Utrecht
    Email:karin.betten@provincie-utrecht.nl
     
    Gaag, Marten van der
     

    Organisatie:
    Interprovinciaal Overleg

    Functie/taken:

    • Projectrekker IPO-PRISMA project 2010: 'Uitvoeringsprogramma klimaat en energie'

    Telefoon: 070 - 888 12 17


    Website: IPO
    Email:mvdgaag@ipo.nl
     
    Groen, Ronald
     

    Organisatie:
    Provincie Zuid-Holland

    Functie/taken:

    • Programmamanager milieuregelgeving en Europees milieubeleid provincie Zuid-Holland
    • Projecttrekker IPO-PRISMA project 2010: 'Kerngroep milieuregelgeving'

    Adres:
    Zuid-Hollandplein 1
    2509 LP Den Haag

    Telefoon: 070 - 441 7430
    Mobiel: 06 - 5123 7746

    Website: Provincie Zuid-Holland
    Email:rh.groen@pzh.nl
     
    Heijdra, Leo
     

    Organisatie:
    Provincie Zuid-Holland

    Functie/taken:

    • Beleidsmedewerker
    • Contactpersoon Licht
    • Projectrekker IPO-PRISMA project 2010: 'Rekenmodel lichtvervuiling en donkertebescherming'

    Postadres:
    Postbus 90602
    2509 LP  Den Haag

    Telefoon: 070 - 441 60 48


    Website: Provincie Zuid-Holland
    Email:lpm.heijdra@pzh.nl
     
    Kiès, Reinette
     

    Organisatie:
    Interprovinciaal Overleg

    Functie/taken:

    • Projecttrekker IPO-PRISMA project 2010: 'Implementatie Wabo'

    Telefoon: 070 - 888 12 10


    Website: IPO
    Email:rkies@ipo.nl
     
    Knoppert, Wim
     

    Organisatie:
    Provincie Gelderland

    Functie/taken:

    • Projectrekker IPO-PRISMA project 2010 'Webapplicatie milieu in ruimtelijke plannen'

    Telefoon: 026 - 359 87 92


    Website: Provincie Gelderland
    Email:w.knoppert@gelderland.nl
     
    Verhoeven, Monique
     

    Organisatie:
    Interprovinciaal Overleg

    Functie/taken:

    • Projecttrekker IPO-PRISMA projecten 2010: 'Implementatie Wabo' en 'Invulling regierol en implementatie eindbeeld Mans'

    Telefoon: 070 - 888 12 52


    Website: IPO
    Email:mverhoeven@ipo.nl
     
    Visbeen, John
     

    Organisatie:
    Provincie Utrecht

    Functie/taken:

    • Projectrekker IPO-PRISMA project 2010: 'IMPEL'

    Telefoon: 030 - 258 21 50


    Website: Provincie Utrecht
    Email:john.visbeen@provincie-utrecht.nl
     
    Vissers, Harrie
     

    Organisatie:
    Provincie Brabant

    Functie/taken:

    • Projecttrekker IPO-PRISMA project 2010: 'Versterking regionale aanpak biodiversiteit'

    Telefoon: 073 - 680 84 82


    Website: Provincie Noord-Brabant
    Email:hvissers@brabant.nl
     
    Vroemen, Jean
     

    Organisatie:
    Provincie Limburg

    Functie/taken:

    • Projecttrekker IPO-PRISMA projecten 2010: 'Instrumenten bescherming stiltegebieden' en 'Geluidbelastingkaarten en actieplannen provinciale wegen'

    Telefoon: 043 - 389 76 48


    Website: Provincie Limburg
    Email:jhgm.vroemen@prvlimburg.nl
     
    Zantinge, Janny
     

    Organisatie:
    Provincie Fryslân

    Functie/taken:

    • Projecttrekker IPO-PRISMA project 2010: 'Invoering 2e fase activiteitenbesluit (BARIM)'

    Telefoon: 058 - 292 58 64


    Website: Provincie Fryslân
    Email:j.zantinge@fryslan.nl
     
    Weij, Johan van der
     

    Organisatie:
    Provincie Zuid-Holland

    Functie/taken:

    • Projecttrekker IPO-PRISMA project 2010: 'Kaderstellende branchedocumenten vergunningverlening'

    Telefoon: 070 - 441 64 43


    Website: Provincie Zuid-Holland
    Email:jp.vander.weij@pzh.nl
     
     
    Nieuw in portaal
    Veel bezochte informatie

    Invoerportaal flora en fauna

    Trilateraal Monitoring en Assessment Programma

    Wadwijzer.nl  PRISMA

    Hydrotheek  WaddenZee.nl

    Verspreidingsatlassen evertebraten

    Centrum voor Milieu Monitoring

    Monitoring geringde ganzen

    CESAR Observatory