Organisaties > Overheden en semi-overheden:Planbureau voor de Leefomgeving (PBL)Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) is het planbureau voor de ruimte, het milieu en de natuur. Het verricht wetenschappelijke verkenningen, analyses, prognoses en beleidsevaluaties in (inter)nationale context die relevant zijn voor het strategisch regeringsbeleid. Het planbureau analyseert ruimtelijke en maatschappelijke ontwikkelingen die van belang zijn voor de leefomgeving van mens, plant en dier. Het verkent de toekomstige kwaliteit van leefomgeving en mogelijke beleidsopties. Het planbureau wil tevens bijdragen aan integrale ruimtelijke en ecologische afwegingsvraagstukken voor het beleid. Het Milieu- en Natuur Planbureau (MNP) en het Ruimtelijk Planbureau (RPB) zijn sinds april 2008 samengevoegd en werken in het vervolg onder de naam Planbureau voor de Leefomgeving. Telefoon: 030 - 274 27 45 Locatie Den Haag Social Media: Website: Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) Email: info@pbl.nl |
|||
Gerelateerde informatie in het Monitoringportaal: |
|||
Organisaties |
|||
| Overheden en semi-overheden (6) | |||
|
|||
|
Het Milieu- en Natuurplanbureau (MNP) en het Ruimtelijk Planbureau (RPB) zijn sinds april 2008 samengevoegd in het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). |
|||
|
|||
|
Het Milieu- en Natuur Planbureau (MNP) en het Ruimtelijk Planbureau (RPB) zijn sinds april 2008 samengevoegd in het Planbureau voor de Leefomgeving. |
|||
|
|||
|
De overheid heeft kennis nodig over natuur, landschap en milieu in de context van het bestuur, de economie en de samenleving. Alleen dan kan de overheid op een verantwoorde manier alle relevante aspecten en belangen van natuur, landschap en milieu afwegen. De unit Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu (WOT Natuur & Milieu) verzorgt deze informatie voor de rijksoverheid, in het bijzonder voor het ministerie van EL&I. WOT Natuur & Milieu is een samenwerkingsverband van de Universiteit Wageningen en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL, voorheen MNP). Voor uitgebreid zoeken naar WUR-contactpersonen en -experts klik op Wageningen UR. Telefoon: 0317 - 48 01 00 of 0317 - 48 54 71 Website: WOT Natuur & Milieu (Wageningen UR) Email:jolanda.eimers@wur.nl |
|||
|
|||
|
De EmissieRegistratie (ER) beslaat het gehele proces van dataverzameling, databewerking, het registreren en rapporteren van emissiegegevens in Nederland. In de EmissieRegistratie worden de emissies naar bodem, water en lucht van circa 350 beleidsrelevante stoffen en stofgroepen vastgesteld.
De EmissieRegistratie (ER) wordt uitgevoerd in opdracht van het ministerie van I&M. De regie voor, en aansturing van de EmissieRegistratie is ondergebracht bij het PBL. De volgende taakgroepen worden in de EmissieRegistratie onderscheiden:
Postadres: Loket EmissieRegistratie Website: EmissieRegistratie (ER - PBL) Email:emissieregistratie@pbl.nl |
|||
|
|||
|
Dit centrum van het RIVM is het kenniscentrum voor de monitoring en interpretatie van de milieukwaliteit. Het centrum is expert in de analyse van bodem, grond(water), lucht en geluid. Taken:
Het Centrum voor Milieu Monitoring werkt samen met onder andere de volgende organisaties: DCMR, GGD Amsterdam, provincies en gemeenten, LEI, WUR, PBL, TNO Bouw en Ondergrond, Deltares, Alterra, ECN, AgentschapNL, IPO en KNMI. Telefoon: 030 - 274 86 49 Website: Centrum voor Milieu Monitoring Email:cmm@rivm.nl |
|||
|
|||
|
De Informatie Desk standaarden Water (IDsW) beheert en ontwikkelt informatiestandaarden voor het Nederlandse Waterbeheer. Hiermee levert IDsW een bijdrage aan de stroomlijning van de informatievoorziening van de sector water. Een belangrijke standaard is de Aquo-standaard. Deze bevat definities van termen en begrippen, voor gegevensopslag, voor gegevensuitwisseling en voor de verwerking en presentatie van gegevens in de watersector. Organisatie: Stuurgroep: Regiegroep: Website: Informatie Desk standaarden Water Email:servicedesk@ihw.nl |
|||
Overleggroepen |
|||
| Overleggroepen (41) | |||
|
|||
|
De ontwikkelgroep heeft ten doel te komen tot een harmonisatie van het ammoniak protocol.
Participerende organisaties: Alterra, ASG, LEI, CBS, PBL Email:gerard.veldhof@wur.nl |
|||
|
|||
|
Deze projectgroep begeleidt de ontwikkeling van de basiskaart aquatische natuur. Met de implementatie van de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) en Natura 2000 dienen voor oppervlaktewater de wensen en eisen ten aanzien van doelen en ruimtelijke invulling onderling te worden afgestemd. Op dit te kunnen bewerkstelligen werkt de projectgroep aan een beleidskaart aquatische natuur, een kaart met waterhuishoudkundige eisen en een kaart waar de actuele waterhuishoudkundige toestand voor aquatische natuur op voor komt. Participerende organisaties: PBL, Alterra Email:Peter.vanPuijenbroek@pbl.nl |
|||
|
|||
|
Een aantal projectgroepen die de verschillende aspecten van de ontwikkeling van de basiskaart terrestrische natuur begeleiden
Participerende organisaties: PBL, Alterra Voorzittende organisatie: PBL Email:Arjen.Hinsberg@pbl.nl |
|||
|
|||
|
PIE is door de doelgroep Energie ontwikkeld in nauwe samenwerking met het ECN. Het is een integratieplatform dat de grootte en de samenstelling van de vraag naar energiedragers door de verschillende sectoren koppelt aan het aanbod van de energieproductiesector.
Organisaties: PBL, RIVM en ECN Email:info@rivm.nl |
|||
|
|||
|
De werkgroep ontwikkelt een methodologie voor de raming en berekening van de emissie van ammoniak door de landbouw.
Participerende organisaties: Alterra, PBL, ASG, PRI, LEI Email:info.alterra@wur.nl |
|||
|
|||
|
Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) ontwikkelt samen met Deltares, Alterra, het WL en de Waterdienst een nieuw geïntegreerd hydrologisch model, het NHMi. Hiermee kan de nu veelal verspreid aanwezige kennis zo optimaal mogelijk gebruikt worden en zijn landelijke beleidsanalyses mogelijk.
De werkgroep houdt zich bezig met de ontwikkeling van het NHMi en ontwikkelt voorstellen voor beheer en onderhoud van dit systeem.
Participerende organisaties: TNO, de Waterdienst, Alterra, PBL, WL, STOWA Email:j.snepvangers@landschap.ov.nl |
|||
|
|||
|
Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) ontwikkelt samen met Deltares, Alterra, het WL en de Waterdienst een nieuw geïntegreerd hydrologisch model, het NHMi. Hierdoor kan de nu veelal verspreid aanwezige kennis zo optimaal mogelijk gebruikt worden en zijn landelijke beleidsanalyses mogelijk.
De Klankbord richt zich op de ontwikkeling en uitvoering van het model NHMi.
Participerende organisaties: PBL, Deltares, Alterra, Waterschappen, waternet, universiteiten en andere organisaties Email:anton.vandergiessen@pbl.nl |
|||
|
|||
|
Dit overleg is gericht op de inhoud van de electronische milieujaarverslagen.
Participerende organisaties: FO Industrie, Dienst Regelingen, Infomil, Agentschap NL, PBL Email:Wim.vanderMaas@pbl.nl |
|||
|
|||
|
Deltares, Alterra, STOWA, PBL en de Waterdienst hebben samen een nieuw geïntegreerd hydrologisch model, het NHI, ontwikkeld. Hierdoor kan de tot enkele jaren geleden verspreid aanwezige kennis zo optimaal mogelijk gebruikt worden en zijn afgestemde landelijke (en straks ook regionale) beleidsanalyses mogelijk. Naast het kwantiteitsdeel wordt ook gewerkt aan een gezamenlijk model voor de waterkwaliteit.
De Stuurgroep NHI is de opdrachtgever voor het NHI.
Participerende organisaties: Deltares, Alterra, Waterdienst, Alterra, PBL, STOWA Voorzittende organisatie: Waterdienst Voorzitter: Gerard Blom Email:gerard.blom@rws.nl |
|||
|
|||
|
Zie item DUIN |
|||
|
|||
|
Het Planbureau voor de Leefomgeving (team Leefomgevingskwaliteit, LOK) en het Centrum voor Externe Veiligheid (CEV) van RIVM hebben een leveringscontract voor data over externe veiligheid. Het LOK-CEV overleg bewaakt de uitvoering van dit contract. Externe veiligheid Email:guus.dehollander@pbl.nl |
|||
|
|||
|
|
|||
|
|||
|
Het Directeurenoverleg Water in onderstaande vorm is opgeheven.
Het PBL ontwikkelt samen met Deltares, Alterra, het WL en de Waterdienst een nieuw geïntegreerd hydrologisch model, het NHMi. Hierdoor kan de nu veelal verspreid aanwezige kennis zo optimaal mogelijk gebruikt worden en zijn landelijke beleidsanalyses mogelijk.
Het Directeurenoverleg Water keurt projectplannen voor het NHMi goed en draagt zorg voor de financiering.
Participerende organisaties: TNO, de Waterdienst, Alterra, PBL, WL, STOWA |
|||
|
|||
|
De Begeleidingsgroep Mariene EHS brengt gegevens in beeld over de zoutwaterecologie in de EHS. Email:v.van.der.meij@minlnv.nl |
|||
|
|||
|
De Klankbordgroep richt zich op het vormgeven van de Nederlandse inbreng in de Expert Group INSPIRE alsmede de implementatie van INSPIRE in Nederland.
Participerende organisaties: Alterra, CBS, Kadaster, KNMI, I&M, PBL, TNO, VNG, GeoNovum, GBN, Dienst der Hydrografie, DLG, IOG-GEO, LSV-GBKN, RIVM, RWS, UvW Email:r.beltman@geonovum.nl |
|||
|
|||
|
Deze werkgroep richt zicht op verzameling en uniformering van cijfers over mest en mineralen en verwerking van deze cijfers.
Participerende organisaties: PBL, CBS, LEI, ASG, EL&I Voorzitter: Mark de Boode Email:info@minlnv.nl |
|||
|
|||
|
Eén van de mechanismen waarop geïndustrialiseerde landen kunnen voldoen aan hun doelstellingen ter vermindering van de uitstoot aan broeikasgassen, zoals vastgelegd in het verdrag van Kyoto, is het creëren van zogenaamde 'SINKS' in de vorm van nieuwe bossen. De aanplant van nieuwe bossen draagt bij aan de vermindering van de CO2-uitstoot, omdat bomen kooldioxide absorberen.
De werkgroep onderzoekt de mogelijkheden van SINKS.
Participerende organisaties: EL&I, Alterra, PBL, Agentschap NL Voorzittende organisatie: EL&I Email:info@minlnv.nl |
|||
|
|||
|
In de afgelopen jaren is het mest- en ammoniakmodel volledig herontworpen en herontwikkeld. Dit proces heeft geresulteerd in het Mest en Ammoniak Model (MAMBO, voorheen MAM). MAMBO speelt een belangrijke rol bij ex-ante en ex-post evaluaties van het mestbeleid.
De Stuurgroep MAMBO richt zich op de sturing van ontwikkeling en gebruik van MAMBO. Er is een initiatief om de stuurgroepen STONE en MAMBO samen te voegen.
Participerende organisaties: EL&I, I&M, Alterra, LEI en PBL Voorzittende organisatie: LEI Email:informatie.lei@wur.nl |
|||
|
|||
|
Het Productieoverleg Landelijk Grondgebruiksbestand Nederland heeft tot doel te komen tot de productie van nieuwe versies van het LGN.
Participerende organisaties: PBL, I&M, provincies, waterschappen, CBS, Alterra, EL&I Website: Landelijk Grondgebruiksbestand Nederland Email:gerard.hazeu@wur.nl |
|||
|
|||
|
Overleg van de uitvoerders Alterra en RIVM met de opdrachtgevers EL&I en I&M over inhoudelijke en organisatorische aspecten van de Nieuwe Inspectie Methodiek (NIM).
Participerende organisaties: I&M/DGM, EL&I, Alterra, RIVM, PBL Email:peter.henkens@minvrom.nl |
|||
|
|||
|
De Overleggroep Kwaliteitsborging EHS heeft tot doel de gegevensvoorziening rond de EHS te verbeteren. De overleggroep is in opbouw.
Participerende organisaties: I&M, EL&I, PBL, provincies, terreinbeheerders Email:s.de.bruin@minlnv.nl |
|||
|
|||
|
Het Landbouwoverleg Elektronisch Milieujaarverslag richt zich specifiek op de elektronische milieujaarverslagen voor landbouwbedrijven.
Participerende organisaties: Dienst Regelingen, I&M, EL&I, PBL Email:helpdesk@emjv.info |
|||
|
|||
|
De projectgroep richt zich op het verzorgen van de periodieke evaluatie van de Nota Duurzame Gewasbescherming. De projectgroep wordt voor elke evaluatie opnieuw geïnstalleerd. In deze projectgroep zijn onder meer afspraken gemaakt over een database met gegevens. Participerende organisaties: I&M, EL&I/DK, de Waterdienst, PBL Website: Link naar PDF (Rijksoverheid) Email:info@minlnv.nl |
|||
|
|||
|
De Beheercommissie NNM is als zodanig opgehouden te bestaan en opgegaan in de Werkgroep LuchtkwaliteitsModellen (WLM).
Deze commissie heeft tot taak een nieuw Nationaal Model Lucht te ontwikkelen. Dit model zal gericht zijn op de luchtkwaliteit in de bebouwde kom. Email:info@infomil.nl |
|||
|
|||
|
De Enquête Bestrijdingsmiddelen Landbouw heeft tot doel het verkrijgen van landelijke gegevens over chemische, biologische en mechanische bestrijding in de belangrijkste gewassen in de land- en tuinbouw. Het Overleg Enquête Bestrijdingsmiddelen bespreekt de inhoud van de enquêtes voorafgaande aan een nieuwe enquête-ronde.
Participerende organisaties: CBS, RIVM, PBL e.a. Contactpersoon: Rob Vijftigschild (CBS) Email:rvfd@cbs.nl |
|||
|
|||
|
Piscaria is de databaseapplicatie die als landelijke standaard wordt gebruikt voor de opslag en analyse van visgegevens. De databank van Piscaria is het centrale opslagpunt van alle visstandgegevens voor het zoete water en bevat een groot aantal waarnemingen van planten en dieren in de Nederlandse oppervlaktewateren. Piscaria is ontwikkeld in een samenwerkingsverband tussen STOWA en Sportvisserij Nederland.
De site wordt beheerd door Sportvisserij Nederland en is mede gekoppeld aan het internationale kennisnetwerk van GBIF (Global Biodiversity Information Facility).
Participerende organisaties: PBL, Sportvisserij Nederland, STOWA Website: Piscaria overleg Email:B.van.der.Wal@stowa.nl |
|||
|
|||
|
De Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer (STOWA) inventariseert de onderzoeksbehoeften van de deelnemende waterbeheerders. Dit gebeurt samen met een programmacommissie. Deze bepaalt op basis daarvan het onderzoeksprogramma voor ieder taakveld, te weten afvalwatersystemen, waterketen, watersystemen en waterweren.
Het STOWA-overleg richt zich op afstemming tussen STOWA en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL).
Participerende organisaties: PBL, STOWA Email:stowa@stowa.nl |
|||
|
|||
|
Begeleiding van het jaarlijks terugkerende onderzoek van PriceWaterhouseCoopers naar fluorhoudende gassen. Het onderzoek wordt uitgevoerd in opdracht van het ministerie van I&M. AgentschapNL coördineert de begeleiding. Participerende organisaties: AgentschapNL, PWC, PBL /ER Email:info@agentschap.nl |
|||
|
|||
|
Diverse organisaties hebben zitting in de commissie en adviseren aan de ministeries van EL&I en I&M over inhoudelijke, organisatorische en financiële aspecten van het LMM. Klik hier voor meer informatie over het LMM.
Websites: LMM-website RIVM (o.a. over monsterneming en ontwikkeling grondwaterkwaliteit) LMM-website LEI (o.a. over mestgebruik, stikstofbodemoverschotten en Bedrijven-InformatieNet) Email:lmm@rivm.nl |
|||
|
|||
|
De begeleidingscommissie Limnodata richt zich op de kwaliteitszorg voor het Limnodatasysteem, de identificatie van meetpunten en de definitie van watertypen. Participerende organisaties: Waterschappen, de Waterdienst, STOWA, PBL Website: Limnodata Email:B.van.der.Wal@stowa.nl |
|||
|
|||
|
Dit overleg begeleidt het proces van de totstandkoming van de electronische milieujaarverslagen. Participerende organisaties: PBL, I&M, FO Industrie, Dienst Regelingen, Infomil, AgentschapNL Email:wim.vandermaas@pbl.nl |
|||
|
|||
|
De ER Taakgroep Enina richt zich op het inventariseren en in kaart brengen van de emissies van Energie, Industrie, Raffinaderijen en Afvalverwerking. Deze gegevens worden opgenomen in de Emissieregistratie en omvatten gegevens van de uitstoot van verontreinigende stoffen naar lucht, water en bodem.
Participerende organisaties: PBL, TNO, CBS, de Waterdienst, Uitvoering afvalbeheer, Agentschap NL, Faciliterende organisatie (FO) Industrie Website: Emissieregistratie Email:Wim.vanderMaas@pbl.nl |
|||
|
|||
|
De Emissieregistratie (ER) wordt uitgevoerd in opdracht van het ministerie van I&M. De taakgroep Methodiekontwikkeling Wateremissies (MEWAT) stelt de emissies van de diverse doelgroepen naar water vast.
Participerende organisaties: RWS, de Waterdienst, CBS, PBL, TNO
Website: Emissieregistratie Email:emissieregistratie@pbl.nl |
|||
|
|||
|
De Emissieregistratie (ER) wordt uitgevoerd in opdracht van het ministerie van I&M. In de Taakgroep Verkeer en Vervoer worden de emissies naar bodem, water en naar lucht vastgesteld uit verkeer en vervoer (luchtvaart, scheepvaart en wegverkeer). Participerende organisaties: TNO, PBL, AVV, CBS en de Waterdienst Website: Emissieregistratie Email:Gerben.Geilenkirchen@pbl.nl |
|||
|
|||
|
De Emissieregistratie (ER) wordt uitgevoerd in opdracht van het ministerie van I&M. In de taakgroep overige bronnen (WESP) worden de emissies door productgebruik (consumenten) vastgesteld, evenals de emissies uit de doelgroep handel, diensten en overheid (HDO). Website: Emissieregistratie Email:emissieregistratie@pbl.nl |
|||
|
|||
|
De Emissieregistratie (ER) wordt uitgevoerd in opdracht van het ministerie van I&M. De Trendanalysedag draagt jaarlijks zorg voor het analyseren en vaststellen van de trends alsmede het controleren van de gegevens.
Participerende organisaties: ER, PBL, de Waterdienst, RIVM en LEI Website: Emissieregistratie Email:paul.ruyssenaars@pbl.nl |
|||
|
|||
|
De EmissieRegistratie (ER) wordt uitgevoerd in opdracht van de ministeries van I&M en EL&I. In de Werkgroep Landbouw en Landgebruik worden de emissies naar bodem, water en naar lucht vastgesteld. Daarnaast vindt afstemming plaats over de gehanteerde methodieken en het gebruik en de beschikbaarheid van de basisgegevens.
Participerende organisaties: PBL, LEI, Alterra, CBS, Directie Kennis, TNO en de Waterdienst Website: Emissieregistratie Email:emissieregistratie@pbl.nl |
|||
|
|||
|
De projectgroep richt zich op de ontwikkeling van het systeem PEARL.
Het nieuwe PEARL model beschrijft het gedrag van bestrijdingsmiddelen in het bodem-plant systeem en de emissie van deze middelen naar de omgeving. Het model wordt gebruikt in combinatie met het hydrologisch model SWAP. Met het model kunnen verschillende gewasrotaties en toedieningsmethoden van bestrijdingsmiddelen worden doorgerekend.
Participerende organisaties: PBL, Alterra, RIVM Email:aaldrik.tiktak@pbl.nl |
|||
|
|||
|
De Ontwikkelgroep Monitoring Nieuwe Technologie heeft tot taak om ontwikkelingen van nieuwe technologie te volgen.
Participerende organisaties: Agentschap NL, PBL, CCT, KSI Email:info@agentschap.nl |
|||
|
|||
|
Zie Informatie Desk standaarden Water |
|||
|
|||
|
Zie Informatie Desk standaarden Water |
|||
Produkten |
|||
| Publicaties (35) | |||
|
|||
|
Samenvatting: Met het meetnet wordt de invloed van ammoniakbronnen buiten de natuurgebieden in beeld gebracht. Het is in 2005 opgezet om ammoniakconcentraties in de natuur te volgen en de modelberekeningen van de concentratie te toetsen die standaard worden gebruikt. De metingen vinden plaats in Natura 2000-gebieden die door hun ligging op arme zandgronden kwetsbaar zijn voor bemesting door de atmosferische aanvoer van ammoniak. Met zogeheten passieve samplers (buisjes), een eenvoudige en goedkope methode, worden maandgemiddelde ammoniakconcentraties in de lucht gemeten in 29 natuurgebieden verspreid over heel Nederland. Om inzicht te krijgen hoe de ammoniakconcentratie varieert binnen een natuurgebied wordt op meerdere locaties in een gebied gemeten. De ammoniakconcentraties zijn ook berekend met een nieuwe, experimentele versie van het model OPS van het RIVM en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). De berekeningen komen goed overeen met de metingen. Dit bevestigt dat het voormalige verschil tussen berekende en gemeten ammoniakconcentraties, het zogeheten ammoniakgat, door de gemaakte aanpassingen in het model zo goed als verdwenen is. Alleen de gemeten concentraties in de duingebieden zijn, hoewel heel laag, enkele malen hoger dan de berekeningen. Auteurs: Website: Meetnet Ammoniak in Natuurgebieden: meetresultaten 2005 - 2007 (PDF) |
|||
|
|||
|
Samenvatting: Dit rapport beschrijft de resultaten van onderzoek naar het opzetten van een kennissysteem voor soorten- en gebiedenbeleid voor het Milieu- en Natuurplanbureau (MNP).
Het kennissysteem richt zich met name op de doelstellingen uit de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn.Uitgangspunt van een prototype van het kennissysteem is het huidige ecologische kennissysteem van het MNP, waarin graadmeter, meetnetten en modellen een belangrijke rol spelen.
Onderzocht is of het huidige kennissysteem voldoet voor het doen van uitspraken over de VHR, welke knelpunten er zijn en hoe deze opgelost kunnen worden. De verbeteringen vormen in samenhang met het al bestaande instrumentarium het eerste prototype van het kennissysteem voor de VHR. Naast uitleg van de diverse onderdelen van het kennissysteem worden ook voorbeelden van toepassingen van dit kennissysteem beschreven.
Het prototype kennissysteem bevat informatie over (1) waar welke doelen gelden, (2) waar welke soorten en habitats nu voorkomen (gemeten en/of statistisch voorspeld), (3) wat de historische trends in mate van voorkomen van deze soorten zijn (ofwel landelijk gemiddeld of wel gebiedsspecifiek) en (4) hoe het voorkomen van soorten afhangt van ruimte- en/of milieudruk (in beeld gebracht door directe en/of indirecte relaties met modeluitkomsten ofwel via berekening van toelaatbare milieu- en/of ruimtedruk -c.q. "ecologische vereisten"- in termen van minimaal habitatoppervlakte of maximaal toelaatbare kritische depositie).
Daarnaast is een methode ontwikkeld om de invloeden van depositie op VHR-gebieden goed in beeld te brengen.
Auteurs:
Rapportnummer: RIVM Rapport 550018001
Jaar van uitgave: 2004 Website: Aansluiting MNP-instrumentarium bij de Vogel- en Habitatrichtlijn (PDF) |
|||
|
|||
|
Samenvatting: De concentraties stikstofdioxide en fijn stof in de buitenlucht in Nederland overschrijden momenteel op veel plaatsen de grenswaarden die hier vanuit Europa aan zijn gesteld. Het wegverkeer levert over het algemeen een belangrijke bijdrage aan deze overschrijdingen. Voor het berekenen van deze bijdrage worden emissiefactoren gebruikt, die voor verschillende typen voertuigen en onder verschillende rij-omstandigheden de gemiddelde uitstoot geven per voertuigkilometer. Het Milieu- en Natuurplanbureau stelt jaarlijks een set algemene emissiefactoren vast voor het wegverkeer, die onder meer toegepast wordt in de jaarlijkse update van het CAR-II-model.
In dit rapport wordt beschreven hoe de huidige set algemene emissiefactoren voor het wegverkeer, die maart 2006 is vastgesteld en gepubliceerd, tot stand is gekomen. Deze emissiefactoren zijn omgeven met en zekere mate van onzekerheid, maar op basis van de huidige kennis kan geen kwantitatieve schatting gegeven worden van deze onzekerheid. De wijze waarop de set emissiefactoren wordt afgeleid, beperkt de toepasbaarheid van de emissiefactoren. In dit rapport wordt deze toepasbaarheid verder toegelicht.
Auteur: G.P. Geilenkirchen
Rapportnummer: 500076004
Jaar van uitgave: 2006 Website: Algemene emissiefactoren wegverkeer voor luchtkwaliteitsberekeningen - methodebeschrijving (PDF) Email:Gerben.Geilenkirchen@mnp.nl |
|||
|
|||
|
De Balans van de Leefomgeving is de opvolger van de Natuurbalans, de Milieubalans en de Monitor Nota Ruimte. De Balans zal voortaan elke twee jaar uitkomen. In deze veelomvattende studie maakt het PBL de balans op van de ontwikkelingen in de afgelopen jaren op het gebied van onder meer verstedelijking, bereikbaarheid, milieu, klimaat en biodiversiteit. Samenvatting: Website: Balans van de Leefomgeving (website PBL) Email:info@pbl.nl |
|||
|
|||
|
Een beschrijving van de business modellen van zeven grote gegevensproducerende en gegevensbeherende organisaties. Opgesteld in opdracht van het Planbureau voor de Leefomgeving. Auteur: Jaar van uitgave: Website: Businessmodellen grote gegevenspijlers (PDF) |
|||
|
|||
|
Volledige titel: Samenvatting: Auteurs: Rapportnummer: Jaar van uitgave: Website: Grootschalige stikstofdepositie in Nederland (PDF) |
|||
|
|||
|
Samenvatting: Op verzoek van de staatssecretaris zijn ten behoeve van de Duurzaamheidsverkenning (DV) indicatoren voorgesteld voor duurzaamheid. In deze bijlage wordt verantwoording afgelegd over de keuze van indicatoren in deel 1 van de DV. Tevens passeren enkele algemene methodologische aspecten rond indicatoren de revue, waaronder de vraag wat het doel is van indicatoren en welke eisen aan indicatoren gesteld mogen worden.
Auteur: D. Nagelhout
Rapportnummer: RIVM rapport 550031003 44
Jaar van uitgave: 2006 Website: Indicatoren en duurzaamheidsindex: Verantwoording van het werk rond indicatoren voor de Duurzaamheidsverkenning \'Kwaliteit en Toekomst\' (PDF) Email:dick.nagelhout@mnp.nl |
|||
|
|||
|
Samenvatting: Naar schatting zijn 3,7 miljoen Nederlanders van 16 jaar en ouder (29%) ernstig gehinderd door het geluid van wegverkeer. Na wegverkeer veroorzaken vliegverkeer en buren het vaakst ernstige hinder (beide 12%). Bromfietsen staan met 19% ernstige hinder op de eerste plaats in de top tien van meest hinderlijke geluidbronnen. Op de tweede en derde plaats volgen motoren (11% ernstige hinder) en vrachtauto's (10% ernstige hinder). Ernstige hinder door het geluid van bromfietsen, snelwegen en bouw- en sloopterreinen vertoont vanaf 1993 een stijgende trend. Voor militaire vliegtuigen, personenauto's en bussen is er sprake van een dalende trend. Brommers zijn naast geluidhinder ook de belangrijkste bron van slaapverstoring. Bij 7% van de respondenten wordt de slaap ernstig verstoord door het geluid van brommers. Naast geluid blijkt met name het (roekeloos en luidruchtig) gedrag van bromfietsrijders een belangrijke hinderbron.
Dit zijn enkele bevindingen uit een periodiek landelijk onderzoek naar de verstoringen van de leefomgeving. Er is ook gevraagd naar de tevredenheid met de woonomgeving. Nederlanders zijn in het algemeen tevreden met hun woning en woonomgeving. Deze wordt beoordeeld met een gemiddelde van 7,7 op een schaal van 0-10. Het meest ontevreden is men over de parkeergelegenheden in de buurt (18%), het openbaar vervoer (16%) en de ruimte voor speelgelegenheid in de buurt (12%). Ten opzichte van de vorige peiling in 1998 is de tevredenheid over de woning en de woonomgeving toegenomen.
Auteurs: Franssen, E.A.M., J.E.F. van Dongen, J.M.H. Ruysbroek, H, Vos en R. Stellato
Rapportnummer: RIVM rapport 815120001
Jaar van uitgave: 2004 Website: Hinder door milieufactoren en de beoordeling van de leefomgeving in Nederland. Inventarisatie (PDF) |
|||
|
|||
|
Samenvatting: In dit methoderapport wordt de operationalisering van de in de Duurzaamheidsverkenning gebruikte methode ('DV-methode') beschreven en bediscussieerd. Het rapport signaleert mogelijke verbeterpunten en identificeert gebieden waarop vervolgonderzoek wenselijk is. Er wordt gebruik gemaakt van de ervaringen opgedaan tijdens de productie van de DV. Het methoderapport is bestemd voor wetenschappers en beoogt de doorgaande methodologische discussie over duurzaamheidsverkenningen te faciliteren.
Auteurs:
Website: Methoderapport Duurzaamheidsverkenning (PDF) |
|||
|
|||
|
In de Milieubalans 1999 wordt de balans opgemaakt van actuele ontwikkelingen in de milieudruk (emissies en afval) en milieukwaliteit (water, bodem, lucht) tegen de achtergrond van het gevoerde milieubeleid en maatschappelijke ontwikkelingen. De eindverantwoordelijkheid voor de inhoud van de Milieubalans 1999 ligt bij het RIVM. Klik hier voor het hele rapport (pdf). Website: Milieubalans 1999 (PDF) Email:info@rivm.nl |
|||
|
|||
|
In de Milieubalans 2000 is te lezen hoe de kwaliteit van het Nederlandse milieu er anno 2000 voor staat, waardoor dit komt en wat de effecten zijn op mens en natuur. Klik hier voor het hele rapport (pdf). Website: Milieubalans 2000 (webpage) |
|||
|
|||
|
De Milieubalans 2003 besteedt bijzondere aandacht aan het Nederlandse milieu(beleid) in Europese context. Meer dan 80% van het milieuen natuurbeleid in Nederland wordt door Brussel voorgeschreven. De uitvoering daarvan leidt soms tot conflicten met Nederlands beleid, zoals bij de Nitraatrichtlijn. Toch pakken gemeenschappelijke Europese milieuregels vaak gunstig uit. Nederland kan milieukosten besparen door goed en vroeg te kiezen welk beleid Nederland moet maken en welk de Europese Unie. Klik hier voor het rapport Milieubalans 2003.
Website: Milieubalans 2003 (webpage) |
|||
|
|||
|
Jaarlijkse publicatie van het Planbureau voor de Leefomgeving. Samenvatting editie 2004: Website: Milieubalans 2004 (PDF) |
|||
|
|||
|
Jaarlijkse publicatie van het Planbureau voor de Leefomgeving.
Samenvatting editie 2005: Europese milieueisen maken aanvullend Nederlands beleid noodzakelijk. Het uitvoeren van de Europese emissie-eisen leidt tot forse vermindering van uitstoot van vervuilende stoffen in Nederland. Maar door de specifieke situatie in Nederland is dat niet genoeg om te voldoen aan de milieukwaliteitseisen die de Europese Unie stelt. Website: Milieubalans 2005 (PDF) |
|||
|
|||
|
Jaarlijkse publicatie van het Planbureau voor de Leefomgeving.
Samenvatting editie 2006: De milieudruk in Nederland is de laatste jaren steeds verder afgenomen, ondanks de groei van de economie (Bruto Binnenlands Product). Voor de periode tot 2010 wordt geraamd dat de ontkoppeling tussen milieudruk en economische groei doorzet. Dit neemt niet weg dat Nederland moeite heeft om met het vastgestelde beleid aan de EU-eisen te voldoen, ondanks aanvullend nationaal beleid boven op het EU-bronbeleid.
Website: Milieubalans 2006 (PDF) |
|||
|
|||
|
Jaarlijkse publicatie door het Planbureau voor de Leefomgeving. Samenvatting editie 2007: Website: Milieubalans 2007 (PDF) |
|||
|
|||
|
Jaarlijkse publicatie van het Planbureau voor de Leefomgeving. Samenvatting editie 2008: Website: Milieubalans 2008 (PDF) |
|||
|
|||
|
Jaarlijkse publicatie van het Planbureau voor de Leefomgeving. Samenvatting edtite 2009: Website: Milieubalans 2009 (PDF) |
|||
|
|||
|
Samenvatting: Auteurs: Jaar van uitgave: Website: Monitor Duurzaam Nederland 2009 (PDF) |
|||
|
|||
|
Samenvatting: Fijnstofconcentraties zijn moeilijk vergelijkbaar tussen verschillende EU-lidstaten, omdat landen verschillende meetmethoden hanteren. In dit rapport is onderzocht of satellietmetingen (AATSR) kunnen worden gebruikt om fijnstofconcentraties op Europese schaal beter in kaart te brengen.
Auteurs: Koelemeijer R.B.A., M. Schaap, R.M.A. Timmermans, T. van Noije, J. Matthijsen, .P.J.H. Builtjes, R. Schoemaker en G. de Leeuw
Rapportnummer: 555034002
Jaar van uitgave: 2007 Website: Monitoring van aerosol in Europa met AATSR. HIRAM eindrapport (PDF) |
|||
|
|||
|
Samenvatting:
Auteur:
Website: Nationale Milieuverkenning 6 (2006 - 2040)(PDF) |
|||
|
|||
|
Jaarlijkse uitgave van het Planbureau van de Leefomgeving. Op Europees niveau is een lijst van internationaal te beschermen planten- en diersoorten samengesteld. Nederland is hiervoor verplichtingen aangegaan die zijn vastgelegd in de Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn van de Europese Unie. Om het maatschappelijke draagvlak voor dit soortenbeleid te vergroten en het beleid hanteerbaar te maken moet meer zicht komen op het verband tussen het voorkomen van individuen en populaties van soorten en de ligging van hun leefgebieden. Voor het bereiken van de natuurdoelen is ordening van de groene ruimte nodig om het beoogde samenhangende netwerk van natuurgebieden, de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) te realiseren. Het aanbod van aan te kopen grond voor de realisatie van de EHS neemt de laatste drie jaar toe. De nieuwe regering heeft het voornemen het jaarlijkse budget voor de aankoop van grond te halveren en meer particuliere eigenaren in te zetten bij het ontwikkelen en beheren van natuur. Langjarige contracten met deze particulieren kunnen een bijdrage aan de natuurdoelen leveren, maar blijken nauwelijks goedkoper dan aankoop. Ook vergt een samenhangende EHS, indien minder grond voor natuurontwikkeling wordt opgekocht, een goede ruimtelijke bescherming. Rapportnummer: Website: Natuurbalans 2002 (PDF) |
|||
|
|||
|
Jaarlijkse uitgave van het Planbureau voor de Leefomgeving.
Samenvatting:
Rapportnummer: Website: Natuurbalans 2003 (PDF) |
|||
|
|||
|
Jaarlijkse uitgave van het Planbureau voor de Leefomgeving. Samenvatting: Rapportnummer: Website: Natuurbalans 2000 (PDF) |
|||
|
|||
|
Jaarlijkse uitgave van het Planbureau voor de Leefomgeving. Samenvatting: De Natuurbalans 2001 meldt dat het met de kwaliteit van de natuur in Nederland nog steeds slecht gaat. Zo staat ongeveer een kwart van de plantensoorten en tweederde van de dagvlindersoorten op de Rode Lijst. Bijzondere planten- en diersoorten zijn teruggedrongen tot kleine kernen van natuurgebieden. Vermesting, verzuring, verdroging en versnippering staan op veel plaatsen de terugkeer van deze soorten nog steeds in de weg. Het is dan ook niet toevallig dat lokale successen van het natuurbeleid juist zichtbaar zijn in grotere eenheden natuur die op enige afstand liggen van verzurende en vermestende landbouwbedrijven en waar voldoende water van goede kwaliteit aanwezig is. Voorbeelden hiervan zijn te vinden in het duingebied en sommige beekdalen, zoals Drentsche Aa, Reest en Geuldal. Hier komen allerlei kieskeurige plantensoorten terug; in de duinen gaat het om soorten als borstelbies en waterpunge. In veel natuurgebieden kunnen bijzondere soorten alleen met intensief beheer in stand worden gehouden. Het is dan ook te verdedigen dat de rijksoverheid inzet op de vorming van de Ecologische Hoofdstructuur. Een positieve ontwikkeling hierbij is dat het natuurbeleid van rijk en provincies niet langer gaat over het aantal hectares Ecologische Hoofdstructuur alleen, maar ook over de kwaliteit van de natuur. Rijk en provincies stellen de natuurdoelen die zij willen realiseren vast. Overigens dreigen hier conflicten met het natuurbeleid van de Europese Unie, zoals dat in de Habitatrichtlijn en Vogelrichtlijn is beschreven. De Europese Unie legt namelijk het accent op behoud van planten- en diersoorten binnen én buiten natuurgebieden, terwijl het Nederlandse beleid het accent legt op de ontwikkeling van nieuwe natuur. Deze verschillen hebben al geleid tot conflicten. Het conflict over de korenwolf in Limburg is een voorbeeld van het accentverschil rond bescherming van soorten buiten natuurgebieden. Conflicten over natuurontwikkeling in Friesland-buitendijks en compensatie van natuur in de Westerschelde zijn beide voorbeelden van het accent dat de Europese Unie legt op behoud van planten- diersoorten versus het Nederlandse accent op ontwikkeling van nieuwe natuur. Rijk en provincies gebruiken de natuurdoelen om beheerders (zoals Natuurmonumenten en de provinciale Landschappen) af te rekenen op het bereikte natuurresultaat. Het zijn echter niet alleen de terreinbeheerders die invloed hebben op de realisatie van natuurkwaliteit. Ook de provincies hebben veel invloed door middel van het milieu-, water- en ruimtelijk beleid. Waterschappen horen zorg te dragen voor voldoende goed water voor natuurgebieden en gemeenten kunnen via hun bestemmingsplannen de planologische bescherming van natuurgebieden bepalen door beperkingen op te leggen aan onder meer bebouwing en wegenaanleg. Terwijl rijk en provincies harde afspraken maken met beheerders is het onzeker of provincies, waterschappen en gemeenten bereid zijn om hun water-, milieu- en ruimtelijk beleid af te stemmen op de natuurdoelen die het rijk en de provincies momenteel op kaart zetten. Het rijk laat dit namelijk over aan het krachtenveld op provinciaal en gemeentelijk niveau, terwijl de Nederlandse overheid wel verantwoording aan de Europese Unie schuldig is over de realisatie in de Habitat- en Vogelrichtlijn vastgelegde natuurdoelen. Buiten de natuurgebieden gaan soorten zoals de grutto en de steenuil hard achteruit en gaat de vervlakking van het landschap door. Ook voor het landschapsbeleid geldt dat het Rijk veel overlaat aan het provinciaal en gemeentelijk niveau. Zo'n 80 procent van de waardevolle landschappen komt in de zogenoemde balansgebieden van de Vijfde Nota Ruimtelijke Ordening terecht. Daarvan dreigt voor ongeveer 20 procent een hoge verstedelijkingsdruk. Juist in de directe omgeving van de Randstad, waar de verstedelijkingsdruk het hoogst is, liggen open landschappen die internationaal gezien grote betekenis hebben. Voorbeelden daarvan zijn droogmakerijen en veenweidegebieden. Zolang het Rijk voor het landschap geen heldere prioriteiten stelt, zal de regionale identiteit verder afkalven. Niet alleen op het land, ook voor het water geldt dat de rijksoverheid internationale verantwoordelijkheden heeft. Dat geldt in het bijzonder voor de kustzone. Hier concentreren zich veel zeldzame vissoorten en andere diersoorten. Juist in de kustzone heeft het kabinet plannen voor de ontwikkeling van een tweede Maasvlakte, een windmolenpark (en wellicht toch een luchthaven in zee). De kabinetsnota 'Natuur voor mensen, mensen voor natuur' kondigt aan dat in 2002 voor de Noordzee concrete ecologische kwaliteitsdoelen zijn geformuleerd. De afstemming van het economisch en veiligheidsbeleid op biodiversiteitsdoelen is een volgende noodzakelijke stap. Of die stap daadwerkelijk wordt gezet, is afhankelijk van de inzet van het ministerie van LNV en andere departementen. Rapportnummer: Website: Natuurbalans 2001 (PDF) |
|||
|
|||
|
Jaarlijkse uitgave van het Planbureau voor de Leefomgeving.
Rapportnummer: Website: Natuurbalans 2004 (PDF) |
|||
|
|||
|
Jaarlijkse uitgave van het Planbureau voor de Leefomgeving. Niet alleen de biodiversiteit, maar ook het Nederlandse landschap staat onder druk. In een kwart van Nederland wordt de belevingswaarde van het landschap negatief beïnvloed door verstedelijking. In de praktijk blijkt het ruimtelijk beleid nauwelijks bescherming te bieden aan de kwaliteit van het landschap. Bovendien is er minder geld beschikbaar dan nodig is om de hooggespannen verwachtingen van de rijksoverheid waar te maken rond het beleid voor de Nationale Landschappen. Rapportnummer: Website: Natuurbalans 2005 (PDF) |
|||
|
|||
|
Jaarlijkse uitgave van het Planbureau voor de Leefomgeving.
Samenvatting: Website: Natuurbalans 2006 (PDF) |
|||
|
|||
|
Jaarlijkse publicatie van het Planbureau voor de Leefomgeving. Samenvatting: Website: Natuurbalans 2007 (PDF) |
|||
|
|||
|
Jaarlijkse publicatie van het Planbureau voor de Leefomgeving. Samenvatting: RIVM rapport 500402008 Website: Natuurbalans 2008 (PDF) |
|||
|
|||
|
Jaarlijkse publicatie van het Planbureau voor de Leefomgeving. Samenvatting: Rapportnummer: Website: Natuurbalans 2009 (PDF) |
|||
|
|||
|
Jaarlijkse uitgave van het Planbureau voor de Leefomgeving. Samenvatting: Rapportnummer: Website: Natuurbalans 1998 (PDF) |
|||
|
|||
|
Samenvatting:
Auteurs:
Rapportnummer:
Jaar van uigave: Website: PM10 in Nederland. Rekenmethodiek, concentraties en onzekerheden (PDF) |
|||
|
|||
|
Deze brochure van het Platform Communication on Climate Change (PCCC) biedt een overzicht van relevante ontwikkelingen op het gebied van klimaat, klimaatverandering, klimaatonderzoek en klimaatbeleid in het afgelopen jaar. Het jaar stond vooral in het teken van de Deltacommissie. Website: Staat van het klimaat 2008 (PDF) |
|||
|
|||
|
Samenvatting: Auteur(s): Jaar van uitgave: Website: Staat van het Klimaat 2010 Email:a.bleiksloot@programmabureauklimaat.nl |
|||
| Websites (6) | |||
|
|||
|
Het Compendium voor de Leefomgeving is een online informatiebron met feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte. Het compendium is gericht op beleidsmakers, onderzoekers en burgers. Het Compendium voor de Leefomgeving is ontstaan uit de samenvoeging van twee websites: het voormalige Milieu- en Natuurcompendium en de Monitor Nota Ruimte. Website: Compendium voor de Leefomgeving Email:redactie@milieuennatuurcompendium.nl |
|||
|
|||
|
Het Klimaatportaal is de digitale toegangspoort van de Nederlandse kennisinstituten tot actuele kennis over het klimaat. Thema's zijn klimaatverandering, gevolgen, aanpassingsmogelijkheden en mitigatie maatregelen. Het klimaatportaal richt zich op beleidsmakers, bedrijfsleven, belangengroepen, media en publiek. Organisatie: Platform Communication on Climate Change (PCCC). Dit is een samenwerkingsverband tussen PBL, KNMI, NWO, Wageningen UR, de Vrije Universiteit Amsterdam, ECN en Universiteit Utrecht. Het klimaatportaal wordt ondersteund door het BSIK programma Klimaat voor Ruimte. Contactpersoon: Website: Klimaatportaal Email:o.van.steenis@programmabureauklimaat.nl |
|||
|
|||
|
De Monitor Nationale Landschappen bevat indicatoren voor kernkwaliteiten die mede sturend zijn voor de gebiedsontwikkeling in de nationale landschappen. Verder zijn in deze online rapportage indicatoren opgenomen over migratiesaldo, de landschapswaardering en grootschalige ruimtelijke ontwikkelingen in de nationale landschappen. In 2009 werd een nulmeting uitgevoerd en verscheen de Monitor voor het eerst. Website: Monitor Nationale Landschappen Email:redactie@milieuennatuurcompendium.nl |
|||
|
|||
|
Online rapportage uit die de feitelijke ruimtelijke ontwikkelingen weergeeft. De 'Monitor Nota Ruimte' schetst aan de hand van een 70-tal indicatoren een beeld van Nederland op ruimtelijk gebied. De indicatoren worden tweejaarlijks geüpdate. Organisatie: Planbureau voor de Leefomgeving, CBS en Wageningen Universiteit en Researchcentrum De Monitor Nota Ruimte is een onderdeel van het Compendium voor de Leefomgeving. Contactpersoon: Website: Monitor Nota Ruimte Email:johan.vanderschuit@pbl.nl |
|||
|
|||
|
De Atlas Leefomgeving is een website waarmee burgers en professionals informatie over hun leefomgeving op het gebied van milieu en gezondheid op kunnen vragen. De site optimaliseert alle beschikbare overheidsinformatie door deze toegankelijk, begrijpelijk en vergelijkbaar te presenteren met behulp van innovatieve ICT. Met de Atlas voldoet Nederland in één keer aan toekomstige Europese ontwikkelingen, zoals INSPIRE en SEIS. De eerste release van de Atlas Leefomgeving staat gepland voor eind 2010. Op de website Atlas Info is alle informatie over het programma Atlas Leefomgeving te vinden. Organisatie: ministerie van I&M in samenwerking met een aantal gemeenten, provincies, een milieudienst en diverse landelijke instellingen. De ambitie is dat in 2020 alle gemeenten en provincies aangesloten zijn. Verder zijn diverse belangenorganisaties en kennisinstituten bij het project betrokken, zoals het RIVM, PBL, IPO, VNG, EL&I, Alterra, GGD'en, Astmafonds, Vereniging Eigen Huis. Website: Atlas Info Email:redactie@portaal.atlasinfo.nl |
|||
|
|||
|
Website met kaarten van grootschalige concentraties voor Nederland voor diverse luchtverontreinigende stoffen, waarvoor Europese regelgeving bestaat. Deze kaarten worden jaarlijks uitgegeven. De kaarten geven een grootschalig beeld van de luchtkwaliteit in Nederland en betreffen zowel recente als toekomstige jaren. Organisatie: RIVM, met medewerking van het LML, Emissieregistratie, TNO Automotive, GGD Amsterdam en DCMR Milieudienst Rijnmond Website: GCN Email:gcn-info@rivm.nl |
|||
Deskundigen |
|||
| Monitoring deskundigen (6) | |||
|
|||
|
Organisatie: Functie/taken:
Postadres: Bezoekadres: Website: PBL Email:Onno.Knol@pbl.nl |
|||
|
|||
|
Organisatie: Functie/taken:
Postadres: Social media: Website: Provincie Overijssel Email:g.nienhuis@overijssel.nl |
|||
|
|||
|
Organisatie:
Postadres: Website: Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) Email:aldrik.bakema@pbl.nl |
|||
|
|||
|
Organisatie:
Postadres: Website: Planbureau voor de Leefomgeving Email:anton.vandergiessen@pbl.nl |
|||
|
|||
|
Organisatie:
Postadres: .. Website: Planbureau voor de Leefomgeving Email:hiddo.huitzing@pbl.nl |
|||
|
|||
|
Organisatie:
Postadres: Website: Planbureau voor de Leefomgeving Email:arjan.vanderput@pbl.nl |
|||
Systemen en projecten |
|||
| Monitoringactiviteiten (4) | |||
|
|||
|
Resultaten van ad hoc meetprogramma's en experimenten |
|||
|
|||
|
Informatie over de ontwikkeling van de kwaliteit van het milieu en de effecten van het milieubeleid. Op basis van diverse monitoringsactiviteiten. MNP-RIVM Ja |
|||
|
|||
|
-Lokale geluidbelasting, naar bron (weg-, rail-, luchtverkeer, industrie) en cumulatief (weg-, rail- en luchtverkeer); -Geluidbelaste woningen (onderverdeeld naar provincie); -Geluidbelast oppervlak (onderverdeeld naar provincie); -Geluidbelaste stiltegebieden; -Gemiddelde geluidbelasting per gemeente; -Geluidbelaste EHS-gebieden (Ecologische Hoofdstructuur); -Geluidbelaste woningen rondom Schiphol. Berekening geluidbelasting d.m.v. EMPARA-model, op basis van gegevens van: -AVV (Adviesdienst Verkeer en Vervoer) over wegen (Nationaal Wegen Bestand (NWB) en BASNET), verkeersintensiteiten (INWEVA-bestand) en prognoses (Landelijk Model Systeem (LMS)); -DWW (Dienst Weg- en Waterbouwkunde) over locaties met zoab en geluidschermen; -provincies over provinciale wegen (verkeersintensiteiten, wegdektype en geluidschermen), stiltegebieden en Ecologische Hoofdstructuur (EHS); -enkele gemeenten over verkeersintensiteiten op binnenstedelijke wegen (verkeersmilieukaarten (VMK's)); -AEA Technology Rail over geluidsemissies van spoorwegen en prognoses van railverkeer; -NLR (Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium) over geluidszones en -contouren, vliegvelden, aanvliegroutes, en gebruikgegevens van luchthavens; -Alterra AVV Provincies AEA Technology Rail NLR MNP-RIVM Ja |
|||
|
|||
|
Continue geluidsmetingen van: -wegverkeer (2 lokaties langs rijkswegen en 1 stadlocatie); -railverkeer (2 lokaties); -luchtvaart (1 lokatie: Volkel). -Meetresultaten (in Lden, LAeq, Lden en (voor lokatie Volkel) B65/Ke); -Voor bepaalde lokatie(s) ook aantal overschrijdingen (events), en tijdstip en tijdsduur van event; -Berekende geluidsemissies (weg- en railverkeer) op basis van meetresulaten; -Vergelijking meetresultaten met berekeningen op basis van Reken- en Meetvoorschriften, het Akoustisch Spoorboekje en berekeningen van het Nationaal Lucht en Ruimtevaartlaboratorium (NLR). Continue geluidsmetingen met geluidapparatuur en GSM-modem. Eén keer per maand worden de gegevens 'opgebeld' door een computer en opgeslagen in de NMS database (Noise Monitoring System). Worden gepubliceerd in Geluidmonitor |
|||
| Monitoringsystemen en -projecten (4) | |||
|
|||
|
Het doel van het DUIN project is het verwerven, beheren en toegankelijk maken van gegevens voor de onderzoekers van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en Wageningen UR ten behoeve van de productie van de jaarlijkse Natuurbalans, Leefomgevingsbalans en vierjaarlijkse Natuurverkenning en andere reguliere producten in het kader van de Natuurplanbureaufunctie.
Participerende organisaties: PBL, WUR/WOT Natuur & Milieu Contactpersonen: Kees Schotten en Paul Hinssen (paul.hinssen@wur.nl) Website: DUIN (website WUR) Email:Kees.Schotten@pbl.nl |
|||
|
|||
|
Het Landelijk Grondgebruiksbestand Nederland (LGN) is een landsdekkend bestand gebaseerd op een combinatie van geodata waarbij satellietgegevens een belangrijke informatiebron zijn. Het LGN-bestand is een product van het Centrum voor Geo-informatie dat onderdeel uitmaakt van Wageningen Universiteit en Research centrum. Website: Landelijk Grondgebruiksbestand Nederland Email:gerard.hazeu@wur.nl |
|||
|
|||
|
Dit betreft twee gekoppelde projecten: 1. Project Subsidistelsel Natuur en Landschap (SNL) (voorheen Omvorming Programma Beheer) Projectleider: Herman Cohen Stuart (IPO) 2. Project SNL Natuurkwaliteit en Monitoring (voorheen Waarborgen Natuurkwaliteit) Participerende organisaties: IPO, EL&I, I&M, Gegevensautoriteit Natuur, PBL, terreinbeheerders e.a. Stuurgroep en regiegroep SNL Email:pkouwenhoven@ipo.nl |
|||
|
|||
|
Het Meetnet Ammoniak in Natuurgebieden brengt de invloed in beeld van ammoniakbronnen buiten de natuur op natuurgebieden. Het meetnet werd in 2005 opgezet om ammoniakconcentraties in de natuur te volgen en de modelberekeningen van de concentratie te toetsen. De metingen vinden plaats in Natura 2000 gebieden. Het meetnet levert ook een bijdrage aan de ‘Programmatische Aanpak Stikstof’ (PAS) van het ministerie van EL&I.
De bijbehorende rapporten zijn via de gerelateerde items te bekijken.
Contactpersonen: Margreet van Zanten (RIVM): margreet.van.zanten@rivm.nl Eric Noordijk (PBL): eric.noordijk@pbl.nl Website: Meetnet Ammoniak in Natuurgebieden (website RIVM) |
|||